Boekgegevens
Titel: Handleiding bij het onderwijs in de vormleer of aanschouwelijke meetkunde
Auteur: Versluys, J.
Uitgave: Amsterdam: W. Versluys, 1894
5e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 9068
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202208
Onderwerp: Wiskunde: meetkunde: algemeen
Trefwoord: Vormleer (wiskunde), Gidsen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Handleiding bij het onderwijs in de vormleer of aanschouwelijke meetkunde
Vorige scan Volgende scanScanned page
127
§ 222. Uit een beschouwing van het lichaam blijkt ook,
dat het bestaat uit twee gelijke vierzijdige piramiden, waar-
van de grondvlakken vierkanten zijn en de opstaande zij-
vlakken regelmatige driehoeken. Om
dit goed te doen in 't oog vallen, zij
het oppervlak zóó samengesteld, dat
men het kan splitsen in twee vier-
zijdige piramiden.
Elk zijvlak loopt evenwijdig met
een ander zijvlak van het lichaam.
Men teekent op bord twee zulke
driehoeken, zóó dat uit de figuur
blijkt, hoe de stand der zijden van
die driehoeken ten opzichte van elkaar
is. (De hoekpunten der twee driehoeken vormen de hoek-
punten van een regelmatigen zeshoek.)
Elke ribbe staat rechthoekig op twee andere ribben.
De zijvlakken, die in een ribbe samenkomen, staan scheef
op elkaar.
§ 223. Om te zien, hoe men
het netwerk van een regelmatig
achtvlak kan verkrijgen, be-
schouwt men het lichaam in
een stand, waarbij twee zijvlak-
ken horizontaal loopen. De an-
dere zes zijvlakken kunnen dan
neergeslagen worden, zoodat zij
het parallelogram ABCD vor-
men. Driehoek DEH is het neergeslagene grondvlak, BGF
het neergeslagen bovenvlak.
HET REGELMATIG TWAALFVLAK.
§ 224. Er zijn 12 zijvlakken, alle regelmatige vijfhoeken.
In ieder hoekpunt komen drie zijvlakken samen.
Die zijvlakken loopen 2 aan 2 evenwijdig, en liggen vlak
tegenover elkaar maar in omgekeerden stand.