Boekgegevens
Titel: Handleiding bij het onderwijs in de vormleer of aanschouwelijke meetkunde
Auteur: Versluys, J.
Uitgave: Amsterdam: W. Versluys, 1894
5e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 9068
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202208
Onderwerp: Wiskunde: meetkunde: algemeen
Trefwoord: Vormleer (wiskunde), Gidsen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Handleiding bij het onderwijs in de vormleer of aanschouwelijke meetkunde
Vorige scan Volgende scanScanned page
107
Is de zijde 20 decimeter? Zoo ziet de leerling, dat het
oppervlak meer is dan 10 en minder dan 20 decimeter. Nu
zou men kunnen beproeven of de zijde is
19 decimeter — het oppervlak zou dan zijn 361 vierk. dec.
,, ,, ,, ,, ,, ,, 324 11
17 „ ^ — „ „ „ m 289 „
ï» )) ï) n )i n 256 ,, ,,
en dit is werkelijk het gegeven oppervlak. De zijde is dus
16 decimeter.
§ 188. Deze berekening zou men in ieder bijzonder geval
kunnen toepassen. Zij zou dan later ook voor meer cijfers
moeten uitgevoerd worden, en uitgebreid tot decimale ge-
tallen. Voor dit laatste geval is dan geen nieuwe verklaring
noodig, zoo volkomen stemt het overeen met het boven-
staande.
Neemt men nu in aanmerking, dat men voor de praktijk
in den regel genoeg heeft aan 3 of 4 cijfers, dan is er aan
die handelwijze geen wezenlijk bezwaar verbonden.
Stelt men echter prijs op eene korter bewerking, dan kan
men de gewone vereenvoudiging invoeren op de volgende
wijze.
§ 189. Zooals wij vroeger hebben gezien, is het vierkant
van 16 of 10 -f 6.
10' 4- 2 X 10 X 6 + of
10= -f 20 X 6-1-
Deze 3 deelen kunnen achtereenvolgens afgetrokken wor-
den van 256; aldus
y 256 =10 + 6
10^ = 100
Tsë"
6 X 20 = 120
36
36
Hadden wij van 256 dadelijk het kwadraat der tientallen
of 100 afgetrokken, dan was het gemakkelijk, om te zien,
dat we niet mochten nemen 20 X 8. Voor 20 X 7 vinden