Boekgegevens
Titel: Denkoefeningen: verzameling van rekenkundige voorstellen voor volks- en burgerscholen
Auteur: Veenstra, B.
Uitgave: Sneek: Van Druten & Bleeker, 1867 *
2e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 8866
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202164
Onderwerp: Wiskunde: wiskunde: algemeen
Trefwoord: Rekenen, Leermiddelen (vorm)
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Denkoefeningen: verzameling van rekenkundige voorstellen voor volks- en burgerscholen
Vorige scan Volgende scanScanned page
DENKOEFENINGEN.
DERDE VEKZAMELING.
1. A en B hebben eenig geld in den handel gelegd: A
1250 gulden voor 8 maanden, en B zekere som voor 5 maan-
den. Hoe veel gulden heeft B ingelegd, als hij van de winst 3
gulden ontvangen heeft tegen A 4?
2. Als men bij zeker getal zijn tienvoud en 25 optelt,
dan bekomt men tot som het kleinste gemeene veel-
voud van 33/3, 37*4 en ^^^^^ S^tal wordt hier bedoeld?
3. Wanneer men V2, % en % onder
den noemer 25 brengt, hoe veel bedraagt dan de som der nieu-
we tellers?
4. Toen 1'4 X 2pond tabak 3% X % gulden kostte,
kochten A en B te zamen voor 1125 gulden. Hoe veel pond
kocht ieder, zoo A 45 gulden meer betaald heeft dan B?
5. A, B en C hebben zekere som op de volgende wijze onder
elkander verdeeld: A heeft 5 gulden ontvangen tegen B en C
te zamen 7. Indien A, op 250 gulden na, de helft ontvan-
gen heeft, hoe veel heeft dan ieder in 't bijzonder ontvangen,
zoo C 3 gulden ontvangen heeft tegen B 4?
6. Vun zekere meetkundige evenredigheid is 't verschil tus-
schen den eersten en vierden term 737J/2; terwijl de eer-
ste term juist 6 maal in den tweeden bevat is. Welke zijn
de termen dezer evenredigheid, zoo 't verschil tusschen den der-
den en vierden term 625 is?
VEENSTRA, DENKOEF. 7*