Boekgegevens
Titel: Denkoefeningen: verzameling van rekenkundige voorstellen voor volks- en burgerscholen
Auteur: Veenstra, B.
Uitgave: Sneek: Van Druten & Bleeker, 1867 *
2e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 8866
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202164
Onderwerp: Wiskunde: wiskunde: algemeen
Trefwoord: Rekenen, Leermiddelen (vorm)
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Denkoefeningen: verzameling van rekenkundige voorstellen voor volks- en burgerscholen
Vorige scan Volgende scanScanned page
57
gelukkigen handel 300 gulden, waarvan A 121 gulden en 87
cent toekwam. Hoe veel gulden heeft ieder tot dien handel bij-
gedragen, als B 750 gulden meer heeft ingelegd dan A?
76. Een schipper kocht in 1862 eene lading aardappelen
tegen 6y^ gulden de 2 J/^ mud. Hij verkocht ze tegen 9%
gulden de 2/2 mud, en won toen 45 rijksdaalders. Uit hoe
veel mud bestond zijne lading?
77. Jan en Hendrik hebben 150 gulden zoo onder elkan-
der te verdeelen, dat Jan van elke 12'/^ gulden een rijksdaal-
der meer bekomt dan Hendrik. Hoe veel gulden komt ieder
toe?
78. Van 2 getallen, die tot elkander staan als 16 tot 25,
is'tverschil gelijk aan den grootsten gemeenen deeler van
675, 1125 en 1800. Men vraagt naar 't product der be-
doelde getallen.
79. A heeft van zekere som ontvangen het derde deel, en
B het vierde deel. Hoe veel gulden heeft ieder ontvangen, als
A 6 gulden meer ontvangen heeft dan B?
80. Drie mud rogge kost zoo veel boven de 17 gulden
als 9 mud onder de 58 gulden. Men vraagt naar den prijs
van 't last.
81. A, B en C handelden in compagnie. A legde in 1500
gulden voor 8 maanden, B 2000 gulden voor ly^ maand, en
C zekere som voor 6 maanden. Indien de laatstgenoemde de
helft van de winst ontvangen heeft, kunt gij dan berekenen ,
hoe veel gulden hij meer ingelegd heeft dan A en B te zamen?
82. Tegen 5 percent in 't jaar heeft zeker kapitaal in 9
maanden 240 gulden rente opgebragt. Hoe veel maanden moet
het bedoelde kapitaal uitstaan, om tegen 4 J/2 percent in't
jaar 72 rijksdaalders intrest op te brengen?
83. Jan wil onder zijne speelgenooten eenige appels uitdee-
len. Als hij ieder 5 geeft, dan houdt hij 12 over, doch zoo hij
ieder 6 geeft, dan houdt hij 7 over. Bereken nu eens, hoe
veel speelgenooten Jan heeft.
84. Een graanhandelaar kocht eene partij rogge voor 2500