Boekgegevens
Titel: Denkoefeningen: verzameling van rekenkundige voorstellen voor volks- en burgerscholen
Auteur: Veenstra, B.
Uitgave: Sneek: Van Druten & Bleeker, 1867 *
2e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 8866
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202164
Onderwerp: Wiskunde: wiskunde: algemeen
Trefwoord: Rekenen, Leermiddelen (vorm)
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Denkoefeningen: verzameling van rekenkundige voorstellen voor volks- en burgerscholen
Vorige scan Volgende scanScanned page
DENKOEFENINGEN.
tweede verzameling.
1. A en B moeien 1000 gulden zoodanig verdeelen, dat
A 3 gulden bekomt tegen B 5. Hoe veel gulden komt ieder toe?
2. Eene som van 2500 gulden moet onder A, B en G zoo
verdeeld worden, dat A een rijksdaalder bekomt tegen B 3%
en G 6 gulden. Hoe veel gulden heeft ieder te ontvangen ?
3. Van zeker kapitaal is 1V^ niaal het vijfde deel juist
750 gulden. Bereken nu eens, hoe veel rijksd. 2*4 maal het
vierde deel van de bedoelde som bedraagt.
4. Onder A, B en G moet 3750 gulden zoo verdeeld wor-
den, dat B IV2 maal zoo veel bekomt als A, terwijl G 2
maal zoo veel moet hebben als B. Hoe veel gulden heefl ieder
te ontvangen?
5. Als 2400 gulden in 1V^ maand 75 gulden rente of
intrest opbrengt, hoe veel rijksdaalders rente kan dan 4500
gulden in 8 maanden opbrengen?
6. Als men van zekere som gelds het vierde deel en 6 V^
gulden uitgeeft, dan is de rest nog 50 gulden. Bereken nu
eens, boe veel gulden 2^4 maal het vijfde deel van de be-
doelde som bedraagt.
7. A heeft 1'4 maal zoo veel guldens als B rijksdaal-
ders, en te zamen hebben zij eene waarde van 3200 gulden.
Hoe veel gulden heeft ieder ?
veenstra, denkoef. 4