Boekgegevens
Titel: Denkoefeningen: verzameling van rekenkundige voorstellen voor volks- en burgerscholen
Auteur: Veenstra, B.
Uitgave: Sneek: Van Druten & Bleeker, 1867 *
2e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 8866
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202164
Onderwerp: Wiskunde: wiskunde: algemeen
Trefwoord: Rekenen, Leermiddelen (vorm)
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Denkoefeningen: verzameling van rekenkundige voorstellen voor volks- en burgerscholen
Vorige scan Volgende scanScanned page
39
211. Van eene partij thee, ingekocht tegen 6% gulden de
pond, werd het y^ gedeelte verkocht tegen 2%, en de
rest tegen 3 gulden het pond. Uit hoeveel pond bestond de
partij, als er 325 gulden op gewonnen werd?
212. Een stuk land, in de gedaante van een regthoek, was
1200 el in omtrek en werd verkocht tegen 13 gulden en
12/2 cent de 2 54 vierkante roede. Hoe veel gulden bragt het
op, als lengte en breedte tot elkander stonden als 't
kleinste gemeene veelvoud van 12^, 15 en 18
tot den grootsten gemeenen deeler van 93, 150
en 206y ?
213. Als men en % onderden
kleinsten gemeenen teller brengt, en daarna de nieuwe
noemers zamen telt, welk getal bekomt men dan?
214. Een landbouwer verkocht van eene partij rogge in
October het % deel, en de overige 45 mud in November,
toen de prijs van 't last ll'y gulden hooger was. Indien de
partij in 't geheel 766y^ gulden opgebragt heeft, tegen welken
prijs per mud heeft hij dan telkens de rogge verkocht?
215. Van zekere som hebben A, B en C ontvangen 4664 gul-
den, B, C en D 5575 gulden, A, C en D 5225 gulden en A,
B en D 4936 gulden, Hoe veel gulden heeft ieder ontvangen?
216. A en B hebben 80 gulden zoodanig te deelen, dat A
10 gulden minder bekomt dan 't derde deel van B be-
draagt. Hoe veel gulden komt ieder toe?
217. Voor eenige jaren betaalde iemand eene som van
392% gulden met 125 gelijke geldstukken, en ontving een
gulden terug. Hoe veel waarde had ieder van de bedoelde geld-
stukken?
218. Van zekere breuk zijn teller en noemer te zamen 76,
Indien men bij ieder 7 voegt, dan is de nieuwe breuk gelijk
Welke breuk wordt hier bedoeld ?
219. Iemand wil zijne voorkamer, die 8% el lang en
7,5 el breed is, laten beleggen met een tapijt, waarvan de
2% vierkante el 3 gulden en 12% cent kost. Hoe veel