Boekgegevens
Titel: Denkoefeningen: verzameling van rekenkundige voorstellen voor volks- en burgerscholen
Auteur: Veenstra, B.
Uitgave: Sneek: Van Druten & Bleeker, 1867 *
2e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 8866
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202164
Onderwerp: Wiskunde: wiskunde: algemeen
Trefwoord: Rekenen, Leermiddelen (vorm)
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Denkoefeningen: verzameling van rekenkundige voorstellen voor volks- en burgerscholen
Vorige scan Volgende scanScanned page
15
gulden de 2 Y^ el, kan men voor de bedoelde som koopen ?
92. Uit twee steden, die 95 mijlen van elkander liggen,
gaan gelijktijdig twee personen elkander te gemoet. üe eene
vordert elk uur 4375 ellen, terwijl de andere in dien tijd 750
ellen meer aflegt. Hoe lang moeten zij reizen om bij erkander
te zijn?
93. Iemand gaf van 't geld, dat hij in zijne beurs had, het
Vg gedeelte en 30 gulden uit, waarna hij nog juist het vierde
gedeelte en 6 rijksdaalders overhield. Hoe veel gulden was er
eerst in de beurs?
94. Als 5 mannen in 6 dagen 15 rijksdaalders verdienen,
hoe veel gulden verdienen dan 8 mannen in I2J/2 meer
dan 10 mannen in 7 V^ dag?
95. Albert, Willem en Hendrik hebben te zamen 100 knik-
kers, doch Albert heeft 10 minder dan Willem. Indien ieder
er 20 bij kreeg, dan zouden Albert en Willem te zamen
juist 80 hebben. Hoe veel knikkers heeft ieder?
96. Een winkelier verkocht 625 pond thee, met eene winst
van 12^2 percent en 'dlV^ gulden, voor 1718% gulden, Hoe
veel percent zou hij verloren hebben, indien hij de thee tegen
45 stuivers het pond verkocht hadde ?
97. A,B en C hebben te zamen 2100 gulden, doch B heeft
3 maal zoo veel als A, en nog 25 gulden, terwijl C 3 maal
zoo veel heeft als A en B te zamen hebben. Hoe veel gulden
heeft ieder?
98. Onder A, B en C moet 3125 gulden zoo verdeeld wor-
den, dat A 375 gulden minder en C 500 gulden meer
bekomt dan B. Hoe veel gulden komt ieder toe?
99. Jan en Klaas gaan elkander op een weg te gemoet, die
56 J/^ mijl lang is. Jan gaat ieder uur 3y^ mijl en Klaas 5 mijl
en 25 roede. Hoe lang moeten zij gaan om bij elkander te zijn?
100. Tegen 5 percent in 'tjaar brengt zeker kapitaal, in 9
maanden, 21 rijksdaalders intrest meer op dan 4500 gulden,
tegen percent in 't jaar, in 8 maanden. Hoe groot is 't
bedoelde kapitaal ?