Boekgegevens
Titel: Denkoefeningen: verzameling van rekenkundige voorstellen voor volks- en burgerscholen
Auteur: Veenstra, B.
Uitgave: Sneek: Van Druten & Bleeker, 1867 *
2e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 8866
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202164
Onderwerp: Wiskunde: wiskunde: algemeen
Trefwoord: Rekenen, Leermiddelen (vorm)
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Denkoefeningen: verzameling van rekenkundige voorstellen voor volks- en burgerscholen
Vorige scan Volgende scanScanned page
143-
ste en tweede term tot elkander als 3 tot 5, terwijl de som
van den derden en vierden term 64 is. Welk is die even-
redigheid, als de eerste term 2% maal in den laatsten
bevat is ?
372. A en B handelden in compagnie. A legde in den han-
del 1500 gulden voor 8 maanden, en B zekere som voor 6
maanden. Hoe veel gulden heeft B meer in den handel gelegd
dan A, zoo deze 4 gulden van de winst ontvangen heeft tegen
B 5?
373. Een graanhandelaar kocht eene partij rogge voor 2500
gulden. Het % gedeelte er van verkocht hij met eene winst
van 10 percent, en de rest tegen inkoopsprijs. Als u ge-
zegd wordt, dat de winst gelyk was aan den inkoop van
24 mud, kunt gij dan berekenen, uit hoe veel mud de partij
bestond ?
374. Een winkelier kocht eene partij tabak tegen 3 gulden
de 4 pond, en verkocht die tegen 4 gulden de 5 pond. Uit hoe
veel pond bestond de partij, als de winkelier er even veel
opgewonnen heeft als 80 pond hem kostte?
375. Onder A, B en C moet 2000 gulden zoo verdeeld wor-
den, dat A 3 gulden bekomt tegen B 4, terwijl C 250 gulden
meer moet hebben dan AenB te zamen. Hoe veel gulden
komt ieder toe?
376. Voor 4 pond koffij en 5 pond suiker ontving een win-
kelier 6 gulden, en voor 15 pond koffij en 15 pond suiker 20
gulden en 25 cents. Hoe veel gulden had hij voor 8 pond
koffij en 20 pond suiker kunnen ontvangen?
377. Als men van zekere som gelds het v ie r de deel en 600
gulden uitgeeft, dan kan de rest, tegen 5 percent in't jaar,
in 9 maanden juist 45 rijksdaalders rente opbrengen. Hoe
lang moet de bedoelde som, tegen Sy^ percent in 't jaar, dp rente
uitstaan, om er 75 gulden intrest van te kunnen ontvangen?
378. A, B en C handelden te zamen. B gaf tot dien han-