Boekgegevens
Titel: Denkoefeningen: verzameling van rekenkundige voorstellen voor volks- en burgerscholen
Auteur: Veenstra, B.
Uitgave: Sneek: Van Druten & Bleeker, 1867 *
2e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 8866
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202164
Onderwerp: Wiskunde: wiskunde: algemeen
Trefwoord: Rekenen, Leermiddelen (vorm)
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Denkoefeningen: verzameling van rekenkundige voorstellen voor volks- en burgerscholen
Vorige scan Volgende scanScanned page
140-
gen Sy^ en aan B zeker kapitaal tegen 4% percent in 'tjaar.
Indien beide kapitalen tegen 4% percent in 'tjaar uitgestaan
hadden, dan zou de jaarlijksche rente juist 30 gulden meer
geweest zijn. Hoe groot was ieder kapitaal, als ze te zamen
in een jaar 375 gulden intrest opgebragt hebben?
349. Iemand verkocht een stuk laken met eene winst van
10yj2 percent en rijksdaalder, waardoor't bedrag van den
in- en verkoop 637^2 gulden was. Hoelang was 't stuk, als
de winst op 7/2 el 5% gulden was?
350. A en B handelden tezamen, doch B legde 250 gulden
meer in den handel dan A. Hoe veel gulden heeft ieder in
den handel gelegd, zoo 't geld van A 6 en dat van B 4 maan-
den in den handel geweest is, en ieder de helft van de winst
ontvangen heefl?
351. Zeker kapitaal stond voor den tijd van 5 maanden,
tegen 3y^ percent in 'tjaar, op rente uit. Indien 't % jaar uit-
gestaan hadde, dan zou de intrest 15 gulden en 12% stuiver
meer geweest zijn. Tegen hoe veel percent in 'tjaar moet dat
kapitaal op intrest uitgezet worden, om er in 10% maand 78y^
gulden rente van te kunnen ontvangen ?
352. Een bakker kocht eene partij rogge tegen 6 V^ gulden de
mud, en betaalde met 250 rijksdaalders en 5 maal zoo veel
kwartguldens als hij mudden kocht. Uit hoe veel mud
bestond de partij ?
353. Van zekere meetkundige evenredigheid staan de eer-
ste en tweeden term tot elkander als 3 tot 5, terwijl de der-
de en vierde term te zamen 200 zijn. Welke is die even-
redigheid, als de eerste term 250 meer is dan de laatste?
354. Eene kamer, die 12% palm langer dan wijd is,
heeft een omtrek van 27 el en 5 palm. Indien deze kamer
met een kleed belegd wordt, dat per vierkante el 1 % gulden
kost, hoe veel gulden moet daarvoor dan betaald worden ?
355. Van 2 getallen, die tot elkander staan als 3% tot 6%,