Boekgegevens
Titel: Denkoefeningen: verzameling van rekenkundige voorstellen voor volks- en burgerscholen
Auteur: Veenstra, B.
Uitgave: Sneek: Van Druten & Bleeker, 1867 *
2e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 8866
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202164
Onderwerp: Wiskunde: wiskunde: algemeen
Trefwoord: Rekenen, Leermiddelen (vorm)
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Denkoefeningen: verzameling van rekenkundige voorstellen voor volks- en burgerscholen
Vorige scan Volgende scanScanned page
123
ming brengt, en daarna V^ teller en 1 bij den noe-
mer optelt; met welke waarde wordt de breuk daardoor ver-
meerderd of verminderd?
223. Zeker werk kandoor 25 arbeiders in 8 weken verrigt
worden zoo zij drgelijks 12 V2 uur, en wekelijks 6 dagen arbeiden.
Indien men eerst, 5 weken lang, 20 arbeiders laat werken, die
wekelijks 5% dag, en dagelijks 12 uren werkzaam zijn, hoe
veel dagen moeten 18 arbeiders dan nog werken, om het ove,
rige deel van 't werk gereed te maken, zoo zij per dag 12
uur werken?
224. Onder 12 mannen en 15 vrouwen moet 3105% gul-
den zóó verdeeld worden, dat ieder van de mannen een gul-
den en 25 cents bekomt als iedere vrouw een gulden en 5 cents
ontvangt. Hoe veel gulden komt ieder van de mannen en vrou-
wen toe?
225. Van zekere breuk, die door veel kleiner getallen kan
uitgedrukt worden, zijn de teller en noemer te zaraen 3125,
terwijl hun verschil gelijk is aan 't % deel hunner som.
Indien men van den noemer het Jcleinste gemeene
veelvoud van en 100 aftrekt, welk getal moet
men dan bij den teller optellen, om eene breuk te bekomen,
die in waarde gelijk is aan 'Vg ?
226. Aen B handelden in compagnie en wonnen 510 gulden,
waarvan B 30 meer ontving dan A. Indien A, voor den tijd
van 5 maanden, 6400 gulden heeft ingelegd, en 't geld van B 8
maanden in den handel geweest is , hoe veel gulden heeft B
dan tot den handel bijgedragen ?
227. B gaf aan A ter leen: 640 gulden voor 5 maanden, en
800 gulden voor 6 maanden, onder beding, dat A hem later
gelijke dienst zoude bewijzen. Hoe lang moet A aan B 750 gul-
den ter leen geven, opdat de leening gelijk zij?
228. Men vraagt naar de waarde van x in de volgende meetk.
evenredigheid: x = UV.^: 28%.
9*