Boekgegevens
Titel: Denkoefeningen: verzameling van rekenkundige voorstellen voor volks- en burgerscholen
Auteur: Veenstra, B.
Uitgave: Sneek: Van Druten & Bleeker, 1867 *
2e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 8866
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202164
Onderwerp: Wiskunde: wiskunde: algemeen
Trefwoord: Rekenen, Leermiddelen (vorm)
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Denkoefeningen: verzameling van rekenkundige voorstellen voor volks- en burgerscholen
Vorige scan Volgende scanScanned page
104
een woekeraar eene som op intrest tegen 7 % t'snt ^an eiken
gnlden in de maand. Door tegenspoed in den handel kon hij
eerst na 10 maanden de geleende som aflossen. De rente be-
droeg toen juist 100 gulden meer dan de helft van 't geleende
kapitaal. Hoe veel gulden moet hij aan kapitaal en intrest te
zamen opbrengen ?
75. Een winkelier wil uit thee van 2% en 3 y. gulden het
pond door menging eene soort maken, die per pond juist 3
gulden kost. Hoe veel pond moet hij tot dat einde van iedere
soort nemen, om 90 pond van den verlangden prijs te beko-
men ?
76. In zekere vesting zijn 2800 soldaten voor den tijd van
5 maanden van levensmiddelen voorzien. Met hoe veel man moet
de bezetting verminderd worden, om met den voorraad 7 maan-
den toe te komen ?
77. Iemand heefl in zijne beurs 100 geldstukken, namelijk:
halve-guldens en rijksdaalders. Hoe veel stukken zijn er van ie-
der afzonderlijk, als de geheele waarde juist 200 gulden be-
draagt ?
78. Een graanhandelaar betaalde een' landbouwer voor 7
mud boekweit, van 8 gulden per mud, juist 60 geldstukken,
namelijk kwartguldens en rijksdaailders. Hoe veel kwartguldens
ontving de landbouwer meer dan rijksdaalders ?
79. Hoe veel gnlden moet men, voor den tijd van 8
maand, tegen 6 percent in 't jaar op rente uitzetten, om er even
veel intrest van te kunnen ontvangen, als 12 750 gulden, te-
gen 4 percent in 'tjaar, in 8 maanden kan opbrengen?
80. A, B en C hebben 500 gulden zóódanig te deelen, dat
A en B te zamen 76% gulden meer bekomen dan C. Hoe veel
gulden komt ieder in 't bijzonder toe, als B 63 gulden en 37
cent meer moet hebben dan A ?
81. In zekere stad was een garnizoen van 2400 man voor
36 weken van levensmiddelen voorzien. Toen deze bezetting 11