Boekgegevens
Titel: Keur van nuttige en aangename verhalen voor de jeugd
Auteur: Vegt, W.J. van der
Uitgave: Zwolle: W.E.J. Tjeenk Willink, 1849
3e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 8847
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202147
Onderwerp: Pedagogiek: ethische vorming (pedagogiek)
Trefwoord: Deugden, Kinderverhalen (teksten)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Keur van nuttige en aangename verhalen voor de jeugd
Vorige scan Volgende scanScanned page
— 110 —
rendieren e» der beeren dienden hun tot bed, ter-
wijl het drijfhout hun brandstof verschafte.
Op het midden van September vroor het al vrij
sterk, en was de zee gedurig met drijfijs bedekt.
Op zekeren dag zagen onze zeelieden eene ijs-
schots digt voorbij de kust drijven, op welke een
groote walrus gerust lag te sla;3en, die een jong
bij zich had. Dadelijk lieten de matrozen de sloep
in zee, met welke zij den walrus omzigtig nader-
den. Zij wierpen hem vervolgens met kracht eene
harpoen in het lijf, en na denzelven gedood te
hebben, bragten zij hem in de sloep. — De jonge
walrus, die zijne moeder niet verlaten wilde, zwom
naar de sloep, en werd mede afgemaakt. — Het
vleesch van deze dieren smaakte den zeelieden uit-
muntend; zij vonden het veel smakelijker dan het
vleesch der rendieren.
In de maand October vroor het reeds zoo sterk,
dat de zee, zoo ver het gezigt reikte, met ijsber-
gen en vervaarlijke ijsschotsen bedekt werd, die
door den stroom somtijds op eene zonderlinge wijze
door elkander woelden, en dikwijls heerlijke ge-
zigten opleverden.
De koude nam intusschen gedurig toe; maar
de zeelieden waren mannen, die aan ontberingen
gewoon, tegen koude en ongemakken gehard waren.