Boekgegevens
Titel: Toetsnaald VII voor hen, die zich voorbereiden voor de toelatings-examens tot de kweekscholen en rijks-normaallessen voor onderwijzers en onderwijzeressen: schriftelijke examen-opgaven 1895-1899
Auteur: [niet beschikbaar]
Uitgave: 's-Gravenhage: Haagsche Boekhandel- en Uitgevers-maatschappij, 1899
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 8770
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202131
Onderwerp: Onderwijs: studentenevaluatie
Trefwoord: Examenopgaven, Voortgezet onderwijs
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Toetsnaald VII voor hen, die zich voorbereiden voor de toelatings-examens tot de kweekscholen en rijks-normaallessen voor onderwijzers en onderwijzeressen: schriftelijke examen-opgaven 1895-1899
Vorige scan Volgende scanScanned page
90
kuben, die 3 dM. tot ribbe hebben, en de andere helft in
kuben, die 2 dM. tot ribbe hebben. Bereken de som der
oppervlakten en ook de som der inhouden van al deze kuben.
XXIV. R. K. S. Apeldoorn.
Duidelijk beredeneeren.
184. Eene zoutoplossing (zout, opgelost in water) bevat
10 pCt. zout. Het water verdampt tot op '/:■,• Hoeveel percent
zout bevat nu de oplossing?
18.5. Vul in:
\ 1: 198 / • V-"" + 0.025 ) + l^-
De bewerking er bij schrijven.
186. Een vierkant bleekveld wordt 2 M. langer gemaakt
en 1 M. breeder en is daardoor 32 M^ grooter geworden. Hoe
lang is het bleekveld na de vergrooting? (Teekenen).
187. Het aantal noten van Jan verhoudt zich tot dat van
Piet als 10 tot 13. Had Jan tweemaal zijne noten en Piet 2
noten minder dan hij werkelijk heeft, dan stonden hunne
aantallen tot elkaar als 5 tot 3. Hoeveel noten had Piet?
188. Een meisje heeft f 20 belegd in twee verschillende
spaarbanken. De eene spaarbank betaalt 'sjaars 2^/4 en de
andere 3*;4 pCt. rente. Nu hare rente van de eerste spaarbank
in een jaar 7 cent meer bedraagt dan van de tweede ; hoeveel
geld heeft zij in de eerste spaarbank belegd ?
RIJIvS-NORMAALLESSEN.
R. N. S 'S-Gravenhage.
189. Hoeveel is:
(13V3 + 3'/«) X 14^5
(34% - 13Vj) : - 3,615'
190. Hoeveel is:
48 HM. 80 cA. 0.452 S.,
15 MM. + 0.3 A. 1.5 d.'S. "