Boekgegevens
Titel: Toetsnaald VII voor hen, die zich voorbereiden voor de toelatings-examens tot de kweekscholen en rijks-normaallessen voor onderwijzers en onderwijzeressen: schriftelijke examen-opgaven 1895-1899
Auteur: [niet beschikbaar]
Uitgave: 's-Gravenhage: Haagsche Boekhandel- en Uitgevers-maatschappij, 1899
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 8770
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202131
Onderwerp: Onderwijs: studentenevaluatie
Trefwoord: Examenopgaven, Voortgezet onderwijs
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Toetsnaald VII voor hen, die zich voorbereiden voor de toelatings-examens tot de kweekscholen en rijks-normaallessen voor onderwijzers en onderwijzeressen: schriftelijke examen-opgaven 1895-1899
Vorige scan Volgende scanScanned page
83
percent moet de verkoop verminderd worden, om 8 percent
op den inkoop te winnen?
120. Een slijter heeft -50 L. jenever van 80 ets. den L.
onder 70 L. van 90 ets. den L. gemengd. Hoeveel L. water
moet hij bij dat mengsel gieten, om jenever van 75 ets. den
L. te krijgen ?
121. Ik moet een deeling uitvoeren, doch neem den deeler
3 te groot. Mijn quotiënt wordt daardoor 0.0625 maal zoo
groot als het ware quotiënt. Hoe groot is de deeler ? Waarom ?
122. Ik moet eene deeling uitvoeren, doch neem het deeltal
O 03125
_ ' te groot, waardoor het quotiënt ',14 te groot wordt.
v,0U08 Ib
Hoe is de deeler? Waarom?
123. Met welk getal moet de volgende vorm ingevuld worden
en waarom?
H.M. ^ 0,00625 H.A. ^ • . • D.S. _ 3750 d.G.
317500 c.M. ' 750 d.M^. 762 c7L. H.G.
124. Twee personen P en Q wandelen met dezelfde snel-
heid langs een' weg. Q is 9 KM. van het doel verwijderd en
P anderhalf maal zooveel. Na 1 uur en 20 minuten is P
4 maal zoover van het doel verwijderd als Q. Met welke snel-
heid wandelen deze personen ?
125. Teeken een trapezium en daarna een rechthoek, die
even groot is als het trapezium.
126. Teeken eene ruit ABCD, laat uit D eene loodlijn
neer op AB en op BC. Toon aan, dat deze noodlijnen even
lang zijn.
127. Een rechthoekige balk is lang 12 dM., breed 8 dM. en
hoog 6 dM. Aan elk der vier bovenste hoekpunten wordt een
kubus weggesneden, waarvan de ribbe 2 dM. is. Bepaal
oppervlakte en inhoud van het overblijvende lichaam.
XVII. R. K. S. Middelburg.
128. Bereken:
(ZVk^UUj^^ + 11.0625) : X 40.8 X '^/uo)
(22%,, + 25%, + 36"/„)^X ■■ 123/,.O '
129. Twee paarden loopen in dezelfde richting van het-
zelfde punt, te beginnen in een cirkelvormige baan, waarvan