Boekgegevens
Titel: Toetsnaald VII voor hen, die zich voorbereiden voor de toelatings-examens tot de kweekscholen en rijks-normaallessen voor onderwijzers en onderwijzeressen: schriftelijke examen-opgaven 1895-1899
Auteur: [niet beschikbaar]
Uitgave: 's-Gravenhage: Haagsche Boekhandel- en Uitgevers-maatschappij, 1899
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 8770
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202131
Onderwerp: Onderwijs: studentenevaluatie
Trefwoord: Examenopgaven, Voortgezet onderwijs
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Toetsnaald VII voor hen, die zich voorbereiden voor de toelatings-examens tot de kweekscholen en rijks-normaallessen voor onderwijzers en onderwijzeressen: schriftelijke examen-opgaven 1895-1899
Vorige scan Volgende scanScanned page
19
Daar heft hij uit het zwalpend nat
Den forschen rug omhoog;
Al hijgend drukt hij 't vaste pad
En tilt zijn schat op droog.
Triomf! nog leeft het kind — het lacht —
Maar, hemel! welk gezicht!
Dat kind, dat hij eens vreemden dacht.....
Het is zijn eigen wicht.
Zijn dierste bloed! zijn eenig kind!
Een ijzing schokt zijn leên, —
Dan — 't is gered ! de vreugd' verwint
En jaagt de ontsteltenis heen.
Hij drukt zijn pand aan 't hart en snikt.
Hij drukt het, kust het, knielt
En dankt, in tranen half verstikt,
Dien God, die 't hem behield.
Geroerd, getroffen, dringt de schaar
Om kind en vader saAm,
En, als ontkwam zij zelf 't gevaar.
Zoo haalt ze ruimer aam.
Geen oog, of 't gloeit van dankbre vreugd.
Geen boezem, die niet smelt;
Geloofd zij God, die zooveel deugd
Met zooveel heil vergeldt!
B. S t ij 1.
1. Gebruik de volgende woorden in zinnen, in zooveel
beteeken issen als gij kent:
ophalen, onderhouden, drijven.
2. Bezig de volgende woorden in zinnen, zoo, dat de
beteekenis goed uitkomt:
haperen, afschrikken ; bedremmeld, stemmig;
leedwezen, aanstoot.
3. Vul in:
a. Het gaat iemand voor den wind, wanneer......
h. Iemand is gesteld op......, als......
c. Men zegt: ,,laten wij er een speldje bij steken", als.....
d. Iemand hunkert naar......, wanneer hij......