Boekgegevens
Titel: De winteravonden: een leesboek voor de lagere scholen
Auteur: Vegt, J. van der
Uitgave: Arnhem: J. Voltelen, 1876
2e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 8805
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202129
Onderwerp: Communicatiewetenschap: lezen
Trefwoord: Lezen, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De winteravonden: een leesboek voor de lagere scholen
Vorige scan Volgende scanScanned page
65
«Waar is Albert?" vraagde Willem.
• Hij is een boodschap doen," antwoordde Johan-
nes: «hij zal over een half uurtje wel terug zijn."
Na nog een poosje over het een en ander gespro-
ken te hebben, ging Johannes naar buiten; hij kwam
echter spoedig terug en riep: »Willem! kom eens
gaauw hier."
Willem sprong dadelijk op en volgde Johannes in
den tuin. Zoodra zij de sneeuwkerels zagen, zeide
Johannes : » Zie , Willem ! wie zouden daar staan ?"
Willem keek en tuurde zooveel hij kon, en zeide
eindelijk: »Johannes! Het is net, of er jongens staan.
»Zij hebben waarlijk stokken in de hand. Wel weêrga,
»wat zouden die willen ?" "
»Laat er ons eens heen gaan , Willem!" zeide Jo-
hannes, »en hooren, wat zij zeggen."
»Laat ons dat, Johannes!" hernam Willem.
»Zegt eens, jongens! wat doet gij daar ? — Wat
»wilt gij hebben?" — schreeuwde Johannes, terwijl
zij nog een eind van hen verwijderd waren.
»Wij willen niets anders hebben dan den grond,
»dien wij in bezit hebben genomen," was het ant-
woord.
Johannes. Wie heeft u daartoe order gegeven?
Eene stem. Niemand. Wij hebben den grond ge-
nomen , omdat gij zooveel hadt, en wij niets.
Johannes. En wat wilt gij met dien grond?
Eene stem. Dat zult gij met der tijd wel zien.
Johannes. Ik verzoek u, om heen te gaan.
Eene stem. Zoo gaauw als wij het goedvinden.
Johannes. Gij zijt dieven!
5