Boekgegevens
Titel: De winteravonden: een leesboek voor de lagere scholen
Auteur: Vegt, J. van der
Uitgave: Arnhem: J. Voltelen, 1876
2e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 8805
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202129
Onderwerp: Communicatiewetenschap: lezen
Trefwoord: Lezen, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De winteravonden: een leesboek voor de lagere scholen
Vorige scan Volgende scanScanned page
64
in den tuin eenige sneeuwkerels te maken , ten einde
hunne speelmakkers, die bij hen aan huis zouden ko-
men, eens ter dege te foppen.
Dadelijk gingen de knapen aan het werk en in wei-
nige uren stonden, ik geloof, wel vijf kerel.^ op eene
rij. Vervolgens bestreken zij ze met zwart zand,
opdat men niet terstond zou kunnen zien dat ze van
Sneeuw waren, en wapenden hen bovendien met stok-
ken. »Zie zoo, Albert!" zeide Johannes: »nu hoop
»ik, zullen wij ons heden avond eens regt vermaken.
»Tegen den tijd, dat onze makkers komen, moet gij
»naar deze kerels gaan en wezen hun aanvoerder.
»Ik zeg dan aan Willem en de overigen, dat er
»vreemde jongens in den tuin zijn en niet weer wil- '
»len weggaan. Wanneer wij u het een of ander vra-
»gen, moet gij een barsch antwoord geven; maar
»verander, zooveel als mogelijk is, uwe stem, opdat
»zij u daaraan niet kennen. Als wij aan het vechten
»zijn , en gij kunt het niet langer houden , neem dan
»de vlugt."
»Dat is mooi van u bedacht, broertje!" riep Albert:
»gij zult ondervinden, hoe goed ik mij houden zal!"
Het was een heerlijke avond. Het weder was zacht
en, hoewel de lucht betrokken was, was het toch niet
heel duister. Welgemoed stapten Willem en de overi-
gen naar de woning van Johannes, terwijl zij drok
bezig waren met te overleggen, wat zij dien avond
zouden spelen of vertellen. — Daar gekomen zijnde,
plaatsten zij zich om den haard en men, begon over de
vele sneeuw, die er gevallen was, te praten.