Boekgegevens
Titel: De winteravonden: een leesboek voor de lagere scholen
Auteur: Vegt, J. van der
Uitgave: Arnhem: J. Voltelen, 1876
2e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 8805
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202129
Onderwerp: Communicatiewetenschap: lezen
Trefwoord: Lezen, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De winteravonden: een leesboek voor de lagere scholen
Vorige scan Volgende scanScanned page
45
zij zich dan vermaken zoo veel zij willen , terwijl zij
bovendien door tante Doortje op poffertjes of wafels
onthaald worden.
Wat is die tante Doortje eene goede vrouw, niet
waar, kindertjes! Houdt gij ook niet veel van haar?
Betje. Ik wenschte, dat tante Doortje mij eens te-
gen kwam , dan zoude ik haar vriendelijk goeden dag
zeggen.
Johannes. Misschien zeide tante Doortje dan wel:
»Betje! gij moet ook maar eens komen spelen."
Betje. O, was dat eens waar!
Toontje. Nu, Betje 1 als tante Doortje weer kinde-
ren bij zich neemt, zal ik haar zeggen, dat zij u niet
vergeten moet.
Luistert nu, wat ik^u vertellen zal.
Jansje was niet lang verleden,
Zeekren dag op Wel te-vreden
Met nog vele meisjes daar.
Dansen, hupplen in het ronde,
Zingen , juichen, wat men konde ,
Deed men vrolijk met elkaar.
Moe gespeeld ging men naar binnen ,
Om wat anders te beginnen:
Tante Door trakteerde haar.
Groote schotels, vol met wafels,
Stonden op twee ronde tafels,
Met nog ander lekkers klaar.
Jansje keek met gretige oogen,
Werd van blijdschap opgetogen,