Boekgegevens
Titel: Toetsnaald I voor adspirant-onderwijzers en onderwijzeressen: Verzameling der schriftelijke werkzaamheden van LXXIII acte-examens voor onderwijzer van 1894-1899
Auteur: [niet beschikbaar]
Uitgave: 's-Gravenhage: Haagsche Boekhandel- en Uitgevers-maatschappij, 1899
2e verm. uitg
Opmerking: Bevat ook: Eerste vervolg 1898-1899
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 8764
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202120
Onderwerp: Onderwijs: onderwijs, beroepsuitoefening en organisaties van het onderwijs
Trefwoord: Onderwijsbevoegdheid, Examenopgaven
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Toetsnaald I voor adspirant-onderwijzers en onderwijzeressen: Verzameling der schriftelijke werkzaamheden van LXXIII acte-examens voor onderwijzer van 1894-1899
Vorige scan Volgende scanScanned page
S7
115. Van een stuk laken wordt het "3 verkocht a f 6.60,
het '/4 a f 7.20, en de rest met f 1.80 winst per Meter, waar-
door de geheele winst W-ig van den verkoop bedraagt' Wat is
de inkoop per Meter?
YXIV. I.iiii1tiii-s.
116. Een ambtenaar moet 5 pet. van zijn traktement storten
ten behoeve van een pensioenfonds. Van het overige verteert
hij jaarlijks het en nog f 150. Wat hij zoodoende in zes
jaren kan overhouden, bedraagt juist het 0,64 van zijn jaarlijksch
traktement. Hoeveel houdt hij jaarlijks over?
117. Men graaft eene gracht, die van boven 3,6 M. en op
den bodera 2,8 M. breed is, 1,8 M. diep en 200 M. lang. Als
men de uitgegraven aarde gelijkmatig verdeelt over een stuk
land, dat even lang is als de gracht en 180 M. breed, vraagt
men, tot welke hoogte deze daarover wordt uitgespreid.
118. Iemand heeft koopwaren gekocht è, f 0.90 het KG.
Hij verkoopt ze in twee partijen, de eerste i\ f 1, de tweede
a f 0.80 het KG. Had hij de eerste partij tegen f 0.96 en de
tweede tegen f 0.86 per KG verkocht, dan zou hij evenveel
gewonnen hebben. Hoeveel pet. heeft hij gewonnen?
119. A gaat van P naar Q en legt 4 KM. per uur af.
Anderhalf uur na 't vertrek van A gaat B van Q naar P
en legt 4,5 KM. per uur af. Bij hunne ontmoeting heeft B
0,45 van den afstand tusschen P en Q afgelegd. Hoe lang is
de weg?
120. Iemand zet op interest uit f 600 tegen 3'/2 pet.,
f 1200 tegen i'j^ en nog een zekere som tegen 8^/4 pet.'sjaars.
De gezamenlijke jaarlijksche rente bedraagt S^'/jg pet. van de
som der kapitalen. Hoe groot is het derde kapitaal?
XXV. Xoord-Krabant. (2 uur.)
121. Het product van 2 breuken is '/a- Als hare som 17
maal het verschil is, welke zijn dan de breuken?
122. Iemand kan een werk in 28 dagen afmaken Werkt
hij echter per dag 1 uur langer, dan kan hij het 2"/,| dag
vroeger gereed hebben. Hoeveel uur werkt hij den tweeden
keer per dag?