Boekgegevens
Titel: Toetsnaald I voor adspirant-onderwijzers en onderwijzeressen: Verzameling der schriftelijke werkzaamheden van LXXIII acte-examens voor onderwijzer van 1894-1899
Auteur: [niet beschikbaar]
Uitgave: 's-Gravenhage: Haagsche Boekhandel- en Uitgevers-maatschappij, 1899
2e verm. uitg
Opmerking: Bevat ook: Eerste vervolg 1898-1899
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 8764
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202120
Onderwerp: Onderwijs: onderwijs, beroepsuitoefening en organisaties van het onderwijs
Trefwoord: Onderwijsbevoegdheid, Examenopgaven
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Toetsnaald I voor adspirant-onderwijzers en onderwijzeressen: Verzameling der schriftelijke werkzaamheden van LXXIII acte-examens voor onderwijzer van 1894-1899
Vorige scan Volgende scanScanned page
66
3. Hoe is de volledige verbuiging van m>, Ie regel; gebruik
deze naamvallen enkelvoud in zinnen.
4. Verklaar de spelling ch in Eendracht.
5. Geef in zooveel mogelijk eigen woorden de bedoeling
van den dichter duidelijk weer.
Let daarbij op taal en stijl en op de buigingsuitgangen.
A a r d r ij k s k u n d e. (1 uur.)
De Zuiderzee en hare naaste omgeving.
O n d er w ij s en Opvoeding. (1 uur.)
Zal 't onderwijs doel treffen, dan mag oplettendheid in de
klasse niet ontbreken.
Welke kunnen de oorzaken van onoplettendheid zijn? Hoe
zult gij die wegnemen?
XLI*. Ui-ente.
Nederlandsche Taal. (21/2 uur.)
Gij zegt: die verzen hebben pit.
Ik noem H een steen, vat daarin zit!
En wien het kraken moog^ behagen,
'k Zal mijn gebit er niet aan wagen.
1. Wijs het zinsverband aan.
Benoem taalkundig de cursief gedrukte woorden.
2. Wat is het verschil tusschen: jaarlijksclie en eenjarige,
wettige en wettelijke ?
3. Wat hebt gij aan te merken op de volgende zinnen:
Hij had tegen vele hinderpalen te worstelen.
Zijne luchtkasteelen vielen in duigen.
Kent gij de inrichting van deze plant ?
Over de brug gaande, viel de hoed in 't water.
Opstel. (Ter keuze.)
1. Grootmoeder.
2. Brand bij nacht.
O. Vele kleintjes maken één groote.