Boekgegevens
Titel: Toetsnaald I voor adspirant-onderwijzers en onderwijzeressen: Verzameling der schriftelijke werkzaamheden van LXXIII acte-examens voor onderwijzer van 1894-1899
Auteur: [niet beschikbaar]
Uitgave: 's-Gravenhage: Haagsche Boekhandel- en Uitgevers-maatschappij, 1899
2e verm. uitg
Opmerking: Bevat ook: Eerste vervolg 1898-1899
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 8764
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202120
Onderwerp: Onderwijs: onderwijs, beroepsuitoefening en organisaties van het onderwijs
Trefwoord: Onderwijsbevoegdheid, Examenopgaven
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Toetsnaald I voor adspirant-onderwijzers en onderwijzeressen: Verzameling der schriftelijke werkzaamheden van LXXIII acte-examens voor onderwijzer van 1894-1899
Vorige scan Volgende scanScanned page
ir.
29
Nederlandsche taal. (1 uur-)
Pluk rozen naar uw lust, en laat het boompje snoeien;
Hoe meer gij snoeit en plukt, te milder zal het bloeion.
Maar laat geen ruwe hand in 't plukken kracht gebruiken ;
Want die de wortels ophaalt, doodt de struiken.
En die de struiken doodt, heeft weinig recht tot toornen.
Zoo hij zijn vingers kwetst aan scherpe doornen.
1. Ontbind het bovenstaande in zinnen en benoem die met
opgave van het verband, dat er tusschen is.
2. Benoem het gecursiveerde in de taalkundige ontl.
3. Verklaar twee van onderstaande uitdrukkingen : m. a. w.
leid de figuurlijke beteekenis af uit de eigenlijke: Aan den
leihand loopen. Op zwart zaad zitten. Zich vergrijpen aan. Iemand
in de loielen rijden.
4. Zeg met uwe eigen woorden:
Mijn drukker leeft in droeven druk.
Want 't drukken geeft hem weinig druk ;
't Was geen bedrukte drukker,
Ging 't drukken maar wat drukker.
A a r d r ij k s k u n d e. (1 uur.)
Maak een opstel over het volgende onderwerp:
Het stroomgebied van den Middelloop des Rijns.
Theorie van opvoeding en onderw. (l'/i uur.)
Bij de opvoeding moet de onderwijzer meer van zijn wel-
willendheid dan van zijn gestrengheid verwachten; die welwil-
lendheid behoeft echter geen nadeel te doen aan de slipte
orde in de school. Toon het een en het andere duidelijk aan.
XAIII. Utreelit.
Nederlandsche taal. (214 uur.)
welkom thuis!
Dat is voor hem een blijde groet.
Die omzwierf over land en stroomen