Boekgegevens
Titel: Toetsnaald I voor adspirant-onderwijzers en onderwijzeressen: Verzameling der schriftelijke werkzaamheden van LXXIII acte-examens voor onderwijzer van 1894-1899
Auteur: [niet beschikbaar]
Uitgave: 's-Gravenhage: Haagsche Boekhandel- en Uitgevers-maatschappij, 1899
2e verm. uitg
Opmerking: Bevat ook: Eerste vervolg 1898-1899
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 8764
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202120
Onderwerp: Onderwijs: onderwijs, beroepsuitoefening en organisaties van het onderwijs
Trefwoord: Onderwijsbevoegdheid, Examenopgaven
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Toetsnaald I voor adspirant-onderwijzers en onderwijzeressen: Verzameling der schriftelijke werkzaamheden van LXXIII acte-examens voor onderwijzer van 1894-1899
Vorige scan Volgende scanScanned page
27
2. De geschiedenis van eenen denneboom.
. 3. De beste stuurlui staan aan wal.
Geef eene verklaring van de volgende regels, en let daarbij
vooral op het gecursiveerde:
1. Moge het een klein volk niet gegeven zijn, het machtigsle
volk der aarde te worden; het kan toch eene eervolle plaats
innemen in de rij der krachtigste volken.
2. Kon men toch de waarheid voor de zwaarbeproefde
ouders verbergen!
Al tracht men ook haar te verbloemen, door hunnen zoon
voor te stellen als het slachtoffer van verleiding en opruiing:
het ouderoog dringt door in 'tbart.
3. Schoon het haantje van H vernuft
Soms moet koning kraaien,
Moogt gij 't haantjen in de borst
Nooit den nek omdraaien.
Onderwijs en opvoeding. (1 uur.)
Het aanschouwingsonderwijs in de laagste klassen kan den
grondslag leggen voor het latere onderwijs in de verschillende
leervakken. Toon dit duidelijk voor enkele leervakken aan.
A a r d r ij k s k u n d e. (1 uur.)
Celebes en de Molukken.
Kaartje van Zeeland.
XXI. Zeeland.
Taal (21/2 uur).
I. Een opstel over één der volgende onderwerpen:
a. Het bezoek van onze Koninginnen aan Zeeland.
h. Aan het strand.
c. De klok.
d. Nederland en de zee.
II. Ontbind onderstaand versje in zinnen en benoem die,
— ontleed de gecursiveerde woorden taalkundig.