Boekgegevens
Titel: Toetsnaald I voor adspirant-onderwijzers en onderwijzeressen: Verzameling der schriftelijke werkzaamheden van LXXIII acte-examens voor onderwijzer van 1894-1899
Auteur: [niet beschikbaar]
Uitgave: 's-Gravenhage: Haagsche Boekhandel- en Uitgevers-maatschappij, 1899
2e verm. uitg
Opmerking: Bevat ook: Eerste vervolg 1898-1899
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 8764
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202120
Onderwerp: Onderwijs: onderwijs, beroepsuitoefening en organisaties van het onderwijs
Trefwoord: Onderwijsbevoegdheid, Examenopgaven
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Toetsnaald I voor adspirant-onderwijzers en onderwijzeressen: Verzameling der schriftelijke werkzaamheden van LXXIII acte-examens voor onderwijzer van 1894-1899
Vorige scan Volgende scanScanned page
23
Vertel beknopt, wat gij u daarbij ten doel stelt en hoe gij
uw onderwerp zult behandelen.
Neem daaruit aanleiding om mee te deelen, waarom gij als
leermiddel bij die lessen het voorwerp zelf verkiest boven eene
afbeelding er van.
Aardrijkskunde. (1 uur.)
Er werd in den laatsten tijd veel gesproken over een te
leggen Noord-Oosterlocaal Spoorweg. (Hoofdrichting: Twente,
Zuidenveld en Oostermoer, de Groninger Veenkoloniën, Delfzijl.)
Geef eene beschrijving van het gebied, dat door dezen spoor-
weg zal worden doorsneden en toon aan, voor welke plaatsen
het tot stand komen van de nieuwe lijn van groot belang
moet worden geacht.
XVIII. Overijsel.
Nederlandsche taal (l'/2 uur).
I.
Gaat wel niet altoos op deze aard
Het licht met schaduwen gepaard.
Toch staat het vast: — waar ons gezicht
Een schaduw ziet, daar is ook licht.
O zorg dan, dat uw oog steeds staar',
Bij alle zorg, bij elk bezwaar.
Op 's levens wondren evenaar . . .
Is 't schaduw hier . . . licht is het daar.
a. Geef den inhoud van dit versje in eigen woorden weer.
h. Ontbind het Ie couplet in enkelvoudige zinnen en be-
noem die.
c. Wanneer in den eersten regel in de plaats van „Gaat
teel" gelezen wordt: „ Wel gaat", verandert dan de betrekking,
die er tusschen de zinnen bestaat?
d. Ontleed taalkundig de cursief gedrukte woorden.
e. Wat is een evenaar'i Gebruik dat woord figuurlijk.
II.
Verklaar den inhoud van het volgende versje.