Boekgegevens
Titel: Toetsnaald I voor adspirant-onderwijzers en onderwijzeressen: Verzameling der schriftelijke werkzaamheden van LXXIII acte-examens voor onderwijzer van 1894-1899
Auteur: [niet beschikbaar]
Uitgave: 's-Gravenhage: Haagsche Boekhandel- en Uitgevers-maatschappij, 1899
2e verm. uitg
Opmerking: Bevat ook: Eerste vervolg 1898-1899
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 8764
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202120
Onderwerp: Onderwijs: onderwijs, beroepsuitoefening en organisaties van het onderwijs
Trefwoord: Onderwijsbevoegdheid, Examenopgaven
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Toetsnaald I voor adspirant-onderwijzers en onderwijzeressen: Verzameling der schriftelijke werkzaamheden van LXXIII acte-examens voor onderwijzer van 1894-1899
Vorige scan Volgende scanScanned page
19
2. De Bergstreek van België. (Over welke provinciën strekt
ze zich uit? Welke delfstoffen levert ze op? Wat weet ge van
de nijverheid in die streek?)
XV. Zeeland.
Theorie van Onderwijs en Opvoeding. (1 uur).
Een opstel over één der drie volgende onderwerpen:
1. Door welke middelen zoudt gij de opmerkzaamheid in
uwe klasse trachten te verkrijgen en te bewaren?
2. Welke opvoedkundige voorschriften heeft de onderwijzer
bij het straffen in acht te nemen?
3. De school voedt hoofdzakelijk op door het onderwijs.
Aardrijkskunde (1 uur).
Een opstel over één van de volgende drie onderwerpen:
(1. De voortbrengselen, de middelen van bestaan en de
meerdere of mindere welvaart in het alluviale en het diluviale
deel van Nederland met elkander vergeleken.
h. De uitwendige vorm (horizontale gesteldheid) van Groot-
Brittanje en Ierland. Knoop daaraan eenige opmerkingen vast
■omtrent handel als anderszins.
c. Beschrijving van het eiland Sumatra en de politieke ver-
■deeling van dit eiland.
Nederlandsche Taal (2'/2 uur).
I. Een opstel over één van de drie volgende onderwerpen:
a. Buig het boompje, terwijl het nog jong is.
h. Alle hout is geen timmerhout.
c. 's Winters zuur en zoet.
II. Geef den inhoud van onderstaand versje in proza weer,
— ontbind het in zinnen en benoem die, — ontleed de ge-
cursiveerde woorden taalkundig.