Boekgegevens
Titel: Toetsnaald I voor adspirant-onderwijzers en onderwijzeressen: Verzameling der schriftelijke werkzaamheden van LXXIII acte-examens voor onderwijzer van 1894-1899
Auteur: [niet beschikbaar]
Uitgave: 's-Gravenhage: Haagsche Boekhandel- en Uitgevers-maatschappij, 1899
2e verm. uitg
Opmerking: Bevat ook: Eerste vervolg 1898-1899
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 8764
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202120
Onderwerp: Onderwijs: onderwijs, beroepsuitoefening en organisaties van het onderwijs
Trefwoord: Onderwijsbevoegdheid, Examenopgaven
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Toetsnaald I voor adspirant-onderwijzers en onderwijzeressen: Verzameling der schriftelijke werkzaamheden van LXXIII acte-examens voor onderwijzer van 1894-1899
Vorige scan Volgende scanScanned page
45
Wroetend in 't stof der vergane geslachten,
Dringt gij tot d'ochtend der scheppingsnacht door;
De eeuw'ge natuur wekt haar sluimerende krachten.
Leert u haar raadselen en wijst u het spoor.
Al wat er stroomt van de toppen der bergen,
Al wat er schuilt in de holen der aard',
Al wat de zee in haar schoot moog' verbergen,
't Schijnt voor den blik van uw zieners bewaard.
U dient de vuurgeest, voor u splijt hü rotsen,
U draagt de damp, met gevleugelden spoed.
Daar waar de golven der Noordpoolzee klotsen.
Dwars door de steppen, diep onder den vloed.
2. Benoem de afhankelijke zinnen, die in 't bovenstaande
voorkomen.
3. Wat beteekenen de volgende uitdrukkingen!
Iemand met eeu kluitje in 't riet sturen.
Den Gordiaanschen knoop doorhakken.
Iemand in 't zonnetje zetten.
Hij is zondebok.
't Is een storm in eeu glas water.
4. Gebruik de volgende uitdrukkingen in zinnen, zóó dat
de beteekenis duidelijk is, en verklaar bij één er van den
overgang van de letterlijke naar de figuurlijke beteekenis.
Alle zeilen bijzetten.
Het kaf van 't koren scheiden.
Op een hellend vlak zijn.
5. Wat is het verschil tusschen wonderbaar en wonderlijk?
Opstel. Keuze uit:
a. Weer thuis!
h. Waar een wil is, is een weg.
c. Recht door zee — de beste weg.
Rekenen. (1^ uur).
I. Twee kapitalen, die f 1266 verschillen, worden twee
jaar op samengestelden intrest uitgezet; het grootste tegen
5 pCt. en het kleinste tegen 6 pCt. Na dien tijd zijn de
kapitalen gelijk. Hoe groot was elk?