Boekgegevens
Titel: Toetsnaald I voor adspirant-onderwijzers en onderwijzeressen: Verzameling der schriftelijke werkzaamheden van LXXIII acte-examens voor onderwijzer van 1894-1899
Auteur: [niet beschikbaar]
Uitgave: 's-Gravenhage: Haagsche Boekhandel- en Uitgevers-maatschappij, 1899
2e verm. uitg
Opmerking: Bevat ook: Eerste vervolg 1898-1899
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 8764
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202120
Onderwerp: Onderwijs: onderwijs, beroepsuitoefening en organisaties van het onderwijs
Trefwoord: Onderwijsbevoegdheid, Examenopgaven
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Toetsnaald I voor adspirant-onderwijzers en onderwijzeressen: Verzameling der schriftelijke werkzaamheden van LXXIII acte-examens voor onderwijzer van 1894-1899
Vorige scan Volgende scanScanned page
102
223. Eene partij waren wordt met 10 pet. winst verkocht.
Was zij 20 gld. duurder ingekocht, dan zou er slechts ó^/g pet.
zijn gewonnen. Hoe groot is die partij, als zij 20 cent per KG.
heel't gekost?
224. Een rentenier heeft twee kapitalen uitstaan, het
grootste ä 4"2 pet. en het andere ä 5 pet. 'sjaars. Als nu na
een jaar de gezamenlijke rente het ''/seo van de som der
kapitalen bedraagt, vraagt men de verhouding der kapitalen.
225. Hoe laat is het tusschen 8 en 9 uur, als de minuut-
wijzer even ver vóór, als de uurwijzer over de VI staat?
l^imhiirg. (2 uur.)
226. A, B, C en D deelen een som geld. A ontvangt "5 van
de som, B f60 meer dan 1/5 van de rest, C f90 meer dan ' '5
van hetgeen er dan nog overschiet en D het overblijvende of
f246. Hoeveel ontvangen A, B en C?
227. Van twee touwen is het eerste 14 M. korter dan het
tweede, terwijl het aantal oude ellen van het eerste 5, 5 grooter
is dan het aantal meters van het tweede.' De oude el bedraagt
688 niM. liereken de lengte van ieder touw.
228. Iemand koopt een stuk laken voor f 291 en verkoopt
het zoo, dat hij 4'/ii van de som van in-en verkoop wint. Als
hij nu voor 'Ig van het stuk en 5 M. f72.75 ontvangt, hoe
lang was het stuk dan ?
229. A heeft de helft van zijn kapitaal uitstaan tegen S'/j pet,
het vierde tegen 4 pet, en de rest tegen 4','2 pet. 's jaars. B,
wiens kapitaal f3000 grooter is dan dat van A, krijgt van ^/s
van zijn kapitaal 3'/2 pet. en van de rest 4'/2 pet.'sjaars. Als
B per jaar f 110 meer rente ontvangt dan A, hoe groot is dan
.\'s kapitaal?
230. Iemand heeft een bak, van binnen gemeten 18 dM.
lang, 12 dM. breed en 1 M. diep. Hierin plaatst hij evenwijdig
aan de breedte een schot van 2 cM. dikte zoo, dat 'i^ van den
inhoud wordt afgesloten. De rest verdeelt hij door een even
dik schot, evenwijdig aan de lengte, in twee gelijke deelen.
Hoeveel DL. bedraagt de inhoud van elk deel?