Boekgegevens
Titel: Volledige leercursus der Fransche taal door J.N. Valkhoff
Auteur: Valkhoff, J.N.
Uitgave: Groningen: P. Noordhoff, 1898
15e, herz. druk
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NO 09-1037
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202104
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Volledige leercursus der Fransche taal door J.N. Valkhoff
Vorige scan Volgende scanScanned page
45
\nuette, dan gebruikt men nion, ton, SOU, alsof 't woord manlijk
•s.
3. Hieruit blijkt, dat het geslacht van het bezittelijk bijvoeglijk
naamwoord geheel alleen geregeld wordt naar het geslacht van 't
naamwoord, waarbij het behoort. Herinner u den regel, dien ik u
hierboven gegeven heb.
Ik zal u dit bovendien nog door eenige voorbeelden ophelderen.
Gij weet wat men bezitter of bezitster en wat men bezitting noemt,
niet waar?
Zeg ik: haar vader, dan is haar het woord, dat de bezitster aan-
duidt; vader, de bezitting. Zeg ik zijne zuster, dan is zijne het
woord, dat den bezitter uitdrukt; zuster de bezitting. Nu heeft men
zich in 't Fransch slechts naar de bezitting te richten; is die b. v.
vrouwelijk enkelv., dan moet het bez. bijv. nw., dat het naamwoord
{de bezitting voorafgaat, ook vrouwelijk enkelv. zijn. Zoo wordt
dan ook haar vader vertaald door son père, mijne zuster, ver-
tale men ma SOBUr, onverschillig of een jongen of een meisje zulks
zegt.
Vóórdat gij overgaat tot het vertalen der opstellen, moet ge eerst
nog trachten de volgende uitdrukkingen in 't Fransch over te brengen:
mijn vader,
uw (enk.) brood,
uwe (mv.) pennen,
mijn vaderland,
onze timmerlieden,
hare (enk.) kamer,
mijn oom,
onze kruidenier,
mijne jas of mijn rok,
uwe (enk.) leerlingen,
mijne makkers,
hare (mv.) opstellen,
hare (enk.) glazen,
Leer nu deze woorden:
een Romein, un Romain.
uwe (enk.) moeder,
haar (enk.) kind,
uwe (enk.) lessen,
hunne stad,
uwe huizen,
hare (mv.) kamers,
uwe (mv.) ooms,
mijn neus,
uw (mv.) hoofd,
hare (enk.) vensters,
onze legers,
zijn glas,
hare (enk.) parasol,
een Christen, un Chrétien.