Boekgegevens
Titel: Volledige leercursus der Fransche taal door J.N. Valkhoff
Auteur: Valkhoff, J.N.
Uitgave: Groningen: P. Noordhoff, 1898
15e, herz. druk
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NO 09-1037
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202104
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Volledige leercursus der Fransche taal door J.N. Valkhoff
Vorige scan Volgende scanScanned page
I 10
ven. Gij hebt goede tapijten voor uwe kamers gekocht. Uwe
tapijten zijn niet duur, en zij zijn beter dan de onze. Gij ver-
telt ( Vous racontez) oude geschiedenissen. Dergelijke (tel)
geschiedenissen zijn ver (loiri) van de waarheid. Hebt gij
geene {pas de) betere pennen ? — Ik heb geene {pas de)
betere. Roode en witte wijn (roode wijn en witte wijn).
162.
Wij hebben buiten {à la campagne) eene witte koe en
twee witte paarden gezien. Uw broeder Julius is een on-
deugende jongen. Hij heeft de waarheid niet gezegd.
Hebt gij niets moois ? — Neen, Wij hebben iets leelijks.
Hebt gij een' leelijken hond? Heeft zij iets moois? —
Ja, zij heeft iets moois, en ik heb {et moi, j'' ai) een zeer
mooi houten paard. Hebt gij denzelfden schoenmaker als
ik {que moi)} Wij hebben dezelfde meesters. Dezelfde
talen. Dezelfde boeken. Drie leelijke honden. De vierde
hooge boom. Hetzelfde hooge huis. Fraaie boomen vóór
hooge huizen. Mijne lieve vrienden. Mijne lieve nicht.
Vier en Dertigste Les.
Wij zullen voortgaan met tellen. Wij waren bij 80 gebleven.
80 quatre-vingts. 1000 is mille.
81 quatre-vingt-un. Dit getal blijft altijd onveranderd.
82 quatre-vingt-deux. In plaats van mille schrijft men
90 quatre-vingt-dix. mil bij jaartallen na Chr. en als er
91 quatre-vingt-onze. nog een ander getal op volgt.
92 quatre-vingt-douze enz. 1876 vertale men derhalve: mil huit
IOC cent. cent soixante-seize.
101 cent un.
200 deux cents. 250 deux cent cinquante.
Van 90 tot 100 telt men op dezelfde wijze als van 70 tot 80; d. i.
men zegt voor 90, tachtig tien.