Boekgegevens
Titel: Volledige leercursus der Fransche taal door J.N. Valkhoff
Auteur: Valkhoff, J.N.
Uitgave: Groningen: P. Noordhoff, 1898
15e, herz. druk
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NO 09-1037
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202104
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Volledige leercursus der Fransche taal door J.N. Valkhoff
Vorige scan Volgende scanScanned page
124.
door iedereen gesproken taal. November is de elfde maand
van het jaar. Hij was {imp.) een Romeinsch keizer, die twee
eeuwen na Christus {après Jésus-Christ) *) geleefd heeft.
Drie en Dertigste Les.
Gij weet immers nog, dat men du, de la, de V en des vóór de
zelfst. naamw. zet, als deze eene onbepaalde hoeveelheid uitdrukken.
Zoo zegt ge: du papier, papier; de la viande, vleesch; de l'encre,
inkt; des cahiers, schrijfboeken.
Die woordjes du, de la, de 1' en des, die wij, zooals ge weet,
articles partitifs noemden, veranderen in de, zoodra er een bijvoeg-
lijk naamwoord VÓÓF het zelfstandige komt.
Zoo zegt men :
de bon papier, goed papier,
de bonne viande, goed vleesch.
de bonne encre, goede inkt.
de bons cahiers, goede schrijfboeken.
Alleen echter als men onbepaald spreekt, dat wil zeggen, als men
niet een bepaald goed papier, goed vleesch, goeden inkt of goed
schrijfboek bedoelt.
Geef mij van het goede papier, dat ge gisteren gekocht hebt, is wel
degelijk :
Donnez-moi du bon papier que vous avez acheté hier.
Hier wordt du gebruikt, en niet de, omdat het papier nader be-
paald wordt.
Quelque chose is iets of wat.
Ons iets goeds, iets leelijks enz. wordt in 't Fransch uitgedrukt Aoox quel-
que chose de bon, de vilain , enz. Ziehier eenige dergelijke uitdrukkingen :
iets schoons, moois, fraais, quelque chose de beau, de joli.
iets nuttigs, „ „ d'utile.
iets aangenaams, „ „ d'agréable.
iets noodigs, „ „ de nécessaire.
iets droevigs, „ „ de triste.
*) Spreek uit: Jésu Kri, zonder de s en st te doen hoeren. Staan Jésus of
Christ alleen, dan spreekt men de eindmedeklinkers s en st duidelijk uit.