Boekgegevens
Titel: De moederplant: leesboek voor de hoogere klassen der lagere school
Deel: 1e stukje
Auteur: Veenendaal, E.J.; Zanten, Jacob van
Uitgave: Utrecht: Kemink & Zoon, 1891 *
3e dr; 1e dr.: 1886
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 8642
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202057
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De moederplant: leesboek voor de hoogere klassen der lagere school
Vorige scan Volgende scanScanned page
81
XXVI.
Twee Geloften.
In de pastorie van zeker dorpje in Duitschland woont een
godvreezend predikant, die met zijn kleine gemeente naar
de leer der H. Schrift in de rechte sporen wandelt. Waar
dit geschiedt, is het door den Heiligen Geest, en daarom
kan de vrucht niet uitblijven.
Met tijdelijke goederen is onze predikant niet ruim bedeeld,
en als hij geen levenden God in den hemel had, zou hij
menigmalen tot bekommering en kleinmoedigheid vervallen.
En dit is ook wel eens gebeurd, als het geloof klein was,
en hij meer op zijn gering inkomen en zijn groot huisgezin,
dan op zijn getrouwen God zag.
Bij de pastorie behooren ook akkers, die hij verpacht. De
pachtsom levert het grootste deel van zijn jaarlijksche be-
zoldiging. De meeste van zijn akkers zijn vruchtbaar en
goed gelegen, en vinden daarom gretige pachters. Maar aan
de helling van een berg ligt een zijner grootste akkers, en
dien wil niemand hebben, omdat bij langdurigen regen een
sterke watervloed over dezen akker stroomt, en niet zelden
massa's steen en zand medesleept, waardoor de geheele oogst
vernield kan worden.
„Niemand wil dien akker hebben!" Dit gaat den leeraar
als een dolk door het hart; en doet hem vurig smeeken tot
den Heere, die weet, dat hij in zijn armoedige omstandig-
heden het pachtgeld niet missen kan; en bij die bede voegt
hij de gelofte, dat, als de Heere hem een pachter mocht
willen zenden, hij een deel der huurpenningen aan de zaak
en den dienst van God zal wijden.
Dat gebed vindt genadige verhooring. Spoedig daarop
verzoekt een man uit de gemeente den leeraar, bedoelden
akker te mogen huren. De godvreezende predikant ver-
bergt hem niet, waarom de akker sinds langen tijd aan
6