Boekgegevens
Titel: De moederplant: leesboek voor de hoogere klassen der lagere school
Deel: 1e stukje
Auteur: Veenendaal, E.J.; Zanten, Jacob van
Uitgave: Utrecht: Kemink & Zoon, 1891 *
3e dr; 1e dr.: 1886
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 8642
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202057
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De moederplant: leesboek voor de hoogere klassen der lagere school
Vorige scan Volgende scanScanned page
70
„Wat beduidt dat?" riep de Koning.
„Klap eens!" gebood de knaap.
De Koning probeerde 't, maar de zweep klapte niet. „Had
ik het niet gedacht!" riep de jongen. „Gij wilt een ganzen-
hoeder zijn, en ge kunt niet klappen!"
Nu rukte hij den Koning de zweep uit de hand, en wees
hem, hoe hij klappen moest. Maximiliaan kon zich haast
niet goed houden, maar bedwong zich toch. Hij deed
zijn best om met de zweep behoorlijk te klappen, en toen
hem dit eindelijk redelijk goed gelukte, drukte de knaap hem
nog eens den plicht eens herders op het hart, en liep toen heen.
Thans gaf de Koning aan zijn lachlust den vollen teugel.
't Scheen echter, alsof de ganzen dra bemerkten, dat hun
eigenlijke, strenge gebieder het bestuur niet meer in handen
had. De „tuinier" hief haar langen hals op, keek rondom
zich, liet twee-driemaal haar gillende stem hooren, en —
alle ganzen staken haar vleugels op, en begonnen luide te
schreeuwen; en eer de Koning erop bedacht was, liep de
troep in alle twee en dertig windstreken uit elkander, nar.r
de vette weiden langs het meer.
Of de Koning al riep, het baatte niet. Hij wilde met de
zweep klappen, maar bracht haast geen geluid voort. Hij
liep herwaarts en derwaarts, maar het hielp niets. Druipnat
van zweet zette hij zich neder op den boomstam, waarop de
knaap gezeten had, en liet de dieren vrij loopen.
De jongen heeft waarlijk gelijk, zei de Koning bij zich-
zelven , dat het gemakkelijker is een paar millioen menschen
te regeeren, dan een kudde ganzen.
De knaap was intusschen in de aangewezen richting voort-
geloopen, en had het boek gevonden. Vol vreugde kwam
hij terug. Maar toen hij dicht bij den Koning was, en naar
zijn ganzen keek, liet hij van schrik het boek op den grond
vallen, en staarde op het onheil, waarvan die onbekende
plaatsvervanger de oorzaak was.
„Daar heb je 't nu al!" riep hij, en hij weende bijna van