Boekgegevens
Titel: De moederplant: leesboek voor de hoogere klassen der lagere school
Deel: 1e stukje
Auteur: Veenendaal, E.J.; Zanten, Jacob van
Uitgave: Utrecht: Kemink & Zoon, 1891 *
3e dr; 1e dr.: 1886
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 8642
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202057
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De moederplant: leesboek voor de hoogere klassen der lagere school
Vorige scan Volgende scanScanned page
57
een soort, die een prieeltje van takken en bladeren bouwt,
oni daarin te slapen. Een reiziger, die op zekeren dag uit
jagen ging, zag zulk
een priëeltje in een
hoogen boom, waar hij
langs kwam. Hij vroeg
zijn metgezel, een in-
lander, of de jagers in
dat deel des lands ge-
woon waren in de bos-
schen te slapen. Tot
zijn groote verwonde-
ring vernam hij, dat
het nette boomhutje
niet het werk van
menschenhanden,maar
van een paar apen
was.
Later zag de reiziger
vele van die dieren,
en beschouwde hij
nauwkeurig hun woningen of nesten. Hij bevond, dat ze
in 't algemeen vijftien of twintig voet boven den grond
gebouwd waren, waarschijnlijk om daardoor 's naclits tegen
wilde beesten beveiligd te zijn. Die nesten waren van bla-
derrijke takken gemaakt, en netjes aan den hoom gebonden
met de ranken van slingerplanten, die tot koord dienden.
Het netjes afgeronde dak liet den regen geheel atloopen. Dit
alles was zoo stevig gemaakt, dat de reiziger het haast niet
gelooven kon, dat geen menschenhanden dit gedaan hadden;
maar hij zag op een anderen dag zelf een der apen aan dit
werk bezig.
Over 't algemeen vindt men de nesten bij paren, maar
nooit meer dan twee bij elkander. Soms vindt men ook een
afzonderlijk nest, dat door oude apen bewoond wordt, wier