Boekgegevens
Titel: De moederplant: leesboek voor de hoogere klassen der lagere school
Deel: 1e stukje
Auteur: Veenendaal, E.J.; Zanten, Jacob van
Uitgave: Utrecht: Kemink & Zoon, 1891 *
3e dr; 1e dr.: 1886
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 8642
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202057
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De moederplant: leesboek voor de hoogere klassen der lagere school
Vorige scan Volgende scanScanned page
22
„Nu zijn ze voorbij, en geen enkle komt hier.
Zij zochten en vonden bij andren kwartier;
Ik heb mij, o jammer, bedrogen!" —
„„Kind! doe u de Heer voor uw euvel niet boeten,
Dien gij door uw ongeloof hoonde;
Kniel, eer gij gaat slapen, met schaamte aan Zijn voeten,.
Die dus mijn vertrouwen bekroonde!"" —
„Och wat? — dat de ruiters voorbij zijn gegaan.
Dat heeft niet de Heer, maar de dorpsschout gedaan^
Die vaak ons goedgunstig verschoonde!" —
Het knaapje slaapt in, maar onrustig, vol zorgen.
De moeder met rustig vertrouwen;
Weêr springt hij ter bedde uit, om vroeg in den morgen
Den aftocht der ruiters te aanschouwen;
Maar toen hij met drift aan het vensterluik stiet.
Daar zag hij en staarde — hij staart nog en ziet,
Wat muren de Hemel kan bouwen!
Dat heeft niet de dorpsschout gedaan, maar de stormen,.
Die 't huis deden beven en schokken;
Zij hebben een ringmuur gaan metslen en vormen
Van steenen, uit donzige vlokken.
Daar ziet hij een sneeuwwal, witblinkend van glans ^
Uit zilver geweven, gevlochten ten krans,
In 't rond om de woning getrokken.
Hij ijlt naar beneên om zijn moeder te wekken;
Zij hoort het met spraakloos verbazen;
In stuivend galop gaan de ruiters vertrekken.
En 't sein is tot d' aftocht geblazen.
Maar hoe hij door 't venster ook tuurt om zich heen ^
Hij ziet, tot zijn straf, van de ruiters niet één:
De muur stond te hoog voor de glazen.