Boekgegevens
Titel: De moederplant: leesboek voor de hoogere klassen der lagere school
Deel: 1e stukje
Auteur: Veenendaal, E.J.; Zanten, Jacob van
Uitgave: Utrecht: Kemink & Zoon, 1891 *
3e dr; 1e dr.: 1886
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 8642
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202057
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De moederplant: leesboek voor de hoogere klassen der lagere school
Vorige scan Volgende scanScanned page
21
^Och moeder! waartoe nu gezucht en gebeden^
Dit zal voor geen ruitermacht baten;
Hoor, moeder! wat komen zij driftig gereden!
Wat hondengeblaf op de straten!
Zij naadren al dichter; zij vragen kwartier —
Doorzoek eens den kelder — breng haastig dan hier
Al wat gij ten beste kunt laten!" —
De moeder blijft zitten; zij gaat niet naar achter,
Maar opent haar Bijbel vol kreuken;
Zij bidt tot den eeuwgen, nooit sluimrenden Wachter,
En troost zich met stichtlijke spreuken.
,„,0 Heere!"" dus smeekt zij; „„wees Gij in den nacht
Een muur om mijn woning! mijn deur tot een wacht!
Want leeg is mijn spinde en mijn keuken."" —
^O moeder! om ruiters en paarden te weren.
Wie zou zulk een muur voor ons bouwen?
Eij zijn door geen bolwerk of schansen te keeren.
En zou uw gebed hen weerhoüen?" —
-„„Bedenk wel, mijn kind! en geloof, dat gewis
Voor God niets te groot of te wonderbaar is!
Welzalig, wie op Hem vertrouwen!"" —
Weêr bidt zij, en 't knaapje gaat spottende henen:
„Of grendel en slot hier zou baten!"
Hij luistert en hoort nog gedraaf langs de steenen,
Gezucht en geschreeuw op de straten. —
„Hoe kraken de deuren van ver en nabij!
Daar slaan zij den hoek om — wij komen niet vrij!
Wat moeder moog' bidden of praten!" —
't Blijft stil voor de deur; slechts de sneeuwjacht blijft suizen
Met vlokken, nog wilder gevlogen!
De ruiters, geborgen in stulpen en kluizen,
Zijn allen naar elders getogen. —