Boekgegevens
Titel: Volledige leercursus der Fransche taal door J.N. Valkhoff
Auteur: Valkhoff, J.N.
Uitgave: Groningen: P. Noordhoff, 1890
13e, herz. druk
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-1170
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202048
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Volledige leercursus der Fransche taal door J.N. Valkhoff
Vorige scan Volgende scanScanned page
69
den brief aan uwen vader gegeven. De brievenbe-
steller heeft gisteren drie brieven aan onzen broeder
gebracht. Uw vader was toen (alors) naar buiten met
zijne kinderen. God is onze vader. De menschen der
wereld. Adam was {était) de eerste mensch. Wie heeft
de wereld geschapen {créé)} Wij hebben de dagbladen
reeds gelezen. Hebt gij uw werk af.-* Gij hebt niet
genoeg gedaan. Waarom hebt gij niet meer gedaan ?
De tuinman heeft die ham bij zijnen buurman, den
kruidenier, gekocht. Drie buitenplaatsen bij [prés dé)
den Haag [la Hayé). Een woord van tien letters. De
hegge [la haie) tusschen onze beide (twee) tuinen. Deze
haring is voor mij {inoi) en deze drie sinaasappelen zijn
voor haar [elle).
101.
Gij zijt Maandag te Brussel geweest en deze dames
zijn Woensdag en Donderdag te Parijs geweest. Uwe
moeder is deze week in Londen geweest. Wij hebben
de zijden linten uwer zuster en die van uwe tante ge-
vonden. Waar zijn de zusters der kooplieden? Waar
is de held van dit leger? Willem de Tweede, (de)
koning van ons land, was [était) een held. Hij heeft
tegen de Franschen gestreden. Wanneer heeft de hoef-
smid onze paarden beslagen? De beide [twee) paarden
van den generaal.
102.
Hier is (Voici) brood en vleesch. Dit is voor u en
dat is voor uwe zuster. Heeft uwe zuster niets gege-
ten van dat vleesch en van die ham? Heeft uwe zus-
ter geen [iiiet) honger? Heeft zij dorst? — Zij heeft