Boekgegevens
Titel: Volledige leercursus der Fransche taal door J.N. Valkhoff
Auteur: Valkhoff, J.N.
Uitgave: Groningen: P. Noordhoff, 1890
13e, herz. druk
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-1170
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202048
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Volledige leercursus der Fransche taal door J.N. Valkhoff
Vorige scan Volgende scanScanned page
6S
95-
Er zijn vijftig leerlingen op {dmis) deze school. Gis-
teren heb ik een' brief uit ivan) Duitschland ontvangen.
Heeft uwe moeder de courant gelezen? Heeft de brie-
venbesteller deze courant gebracht ? Hebt gij dezen
brief deze week geschreven? Hebben zij dit jaar zijden
paraplu's gekocht? Lodewijk de Zestiende was (était)
(een) koning van Frankrijk. Napoleon was de keizer der
Franschen.
96.
Er ligt [er is) een zilveren horloge op de tafel. Er
zijn ook zilveren messen en lepels. Deze kooplieden heb-
ben stalen vorken en veel koopwaren uit (^aii) Londen
ontvangen. Wanneer hebben de kooplieden de waren ont-
vangen? — Gisteren. Hebt gij nooit in dit bosch gejaagd?
Hebt gij niets aan deze meisjes gegeven? Hendrik de
Vierde en Frans de Eerste waren koningen van Frankrijk.
Een en Twintigste Les.
Wij hebben de vervoeging van den Présent van de Aantoonende
wijs van 't werkwoord zijn (Ktre) in de zeventiende les geleerd, (iij
weet dat ik ben, je suis is, gij zijt, tu es of vous etes enz. De
samengestelde tijden van dat werkwoord worden echter op eene bij-
zondere wijze gevormd. Été is geweest. En toch is ik hen geiveest
niet je suis été, maar J'ai Óté, ik heb geweest. Zoo is ook gij
zijt geweest niet tu es été, maar tu as of vous avez été. Ik zal dien
samengestelden tijd in zijn geheel voor n opschrijven.
Ik ben geweest, yai été.
gij zijt geweest, tu as été.
hij is geweest, il a été.
zij is geweest, elle a été.
Vai.kiiofi-, Fransche Taal /, 13e druk. 5