Boekgegevens
Titel: Volledige leercursus der Fransche taal door J.N. Valkhoff
Auteur: Valkhoff, J.N.
Uitgave: Groningen: P. Noordhoff, 1890
13e, herz. druk
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-1170
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202048
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Volledige leercursus der Fransche taal door J.N. Valkhoff
Vorige scan Volgende scanScanned page
128.
Hij (Ceàu), die op school mijn vriend was {imp.), zal
nog mijn vriend zijn. Zij {Ceux), die gierig zijn, zullen
nooit gelukkig zijn. Zij {Celle), die onbescheiden is,
zal niet bemind worden {zipi). Hij {Celui), die tevreden
is, zal gelukkig zijn in deze wereld. Hendrik gelooft
{croit) dat Julius de waarheid gesproken {gezegd) heeft.
Mijn vader denkt {pensé), dat de jongen de Engelsche
couranten reeds gebracht heeft. Mijne moeder hoopt
{espère), dat het feest schitterend zal zijn.
178.
De arme, die weinig heeft gegeven, heeft dikwijls meer
gegeven dan de rijke, die veel gegeven heeft. Onze oude
zwarte kat heeft drie kleine witte muizen gevangen. Het
weder was {imp) heden beter dan gisteren, want gisteren
heeft de zon niet geschenen. Welk weder zal het morgen
zijn (zal het zijn, fera-t-il) ? — Het zal {II fera) mooi we-
der zijn. Een koning van Egypte had {p. d.) tot {pour)
metgezellen van zijne kindsheid al de jonge knapen {gar-
çon), die denzelfden dag als hij {qzie hu) geboren waren
{imp.) (vert. die waren geboren denzelfden dag als hij).
Het is {C'est) een zoete appel. De keizer van Rusland
is een machtig heer. Al de leerlingen van de kostschool
hebben eene lange {groote) wandeling gedaan. Het is
{Cest) een Duitscher, die dit gezegd heeft.
179.
Mijnheer, ik ben uwe dienares. Mevrouw, ik ben
uw dienaar. Gij hebt uwe gebreken, wie heeft niet de
zijne? Iedereen heeft gebreken, de armen hebben de