Boekgegevens
Titel: Leesboekje voor eerstbeginnenden
Deel: No. 8
Auteur: Ufkes, H.A.
Uitgave: Groningen: J. Oomkens, J.zoon, 1856
2e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 8591
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202043
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Leesboekje voor eerstbeginnenden
Vorige scan Volgende scanScanned page
29
26.
DE JAARGETIJDEN.
In de maanden December, Janiiarij en
Februarij is het gewoonlijk zeer koud en
dan zijn de dagen kort; dan is het Winter.
In de maanden Maart, April en Mei is
het niet meer zoo koud en de dagen
worden dan ook weer langer; dan zijn wij
in de Lente.
In de maanden Junij, Julij en Axigustus
zijn de dagen zeer lang en dan is het
ook vaak heel warm; dan hebben wij den
Zomer.
In de maanden September, October en
November worden de dagen weer korter,
en de warmte neemt langzamerhand ook af;
dan is het Herfst geworden.
De Winter is zoo koud en guur,
De Lente doet weer alles bloeijen,
De Zomer doet de vruchten groeijen.
De Herfst geeft voorraad in de schuur.