Boekgegevens
Titel: Leesboekje voor eerstbeginnenden
Deel: No. 8
Auteur: Ufkes, H.A.
Uitgave: Groningen: J. Oomkens, J.zoon, 1856
2e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 8591
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202043
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Leesboekje voor eerstbeginnenden
Vorige scan Volgende scanScanned page
9
7.
ZANGVOGELS.
Sommige vogels kunnen heel mooi zingen,
zoo als de vink, de leeuwerik en de nachte-
gaal; daarom heeten zij ook zangvogels. —
De vink kan zoo mooi fluiten , dat het net
is, of hij een klein fluitje in zijn mondje
heeft. —
De leeuwerik is een vrolijk vogeltje. Hij
is de eerste, die des voorjaars weer begint
te zingen.
Daarom noemt men hem ook wel lente-
bode. —
Maar de nachtegaal slaat nog het mooiste
van allen.
Bij Oom Willem waren eens nachtegalen
in den hof.
Als het dan des avonds heel stil was, gin-
gen wij vaak met elkander in den tuin, om
naar dat gezang te luisteren.
O, wat was dat verrukkelijk!