Boekgegevens
Titel: Leerboek der natuurkunde
Auteur: Steyn Parvé, D.J.
Uitgave: Tiel: H.C.A. Campagne, 1879-...
4e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-1217
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202005
Onderwerp: Natuurkunde: natuurkunde: algemeen
Trefwoord: Natuurkunde, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Leerboek der natuurkunde
Vorige scan Volgende scanScanned page
28
zal het stelsel dier drie krachten terstond een bepaalden even-
wichtstoestand trachten aan te nemen, dien het juist zal aantreffen,
als het verbindingspunt der koorden zich in C bevindt en de
krachten P en Q dus werken in de richting der zijden CD en EF
van het parallelogram. Daar de derde kracht R, die met deze
twee evenwicht maakt, juist tegenovergesteld is aan de diagonaal
CF van het parallelogram, zal de resultante van P en Q volgens die
diagonaal moeten gericht zijn. Vergelijkt men de krachten met de
lengten der zijden en der diagonaal van het parallelogram, dan ziet
men terstond, dat CF ook de grootte der resultante aanduidt, als
de zijden CD en CE de grootte van P en Q voorstellen. 3Ien kan
deze proef op vele wijzen herhalen, door de lengten der zijden te
wijzigen. Het gemakkelijkste is het, de drie koorden aan een
klein ringetje te bevestigen, en dit door middel van een pennetje
bij C vast te steken, totdat men de vereischte gewichten heeft
opgehangen; neemt men dan het pennetje weg, dan zal het ringetje
toch bij C blijven en, als het op zijde gedrukt wordt, telkens
weder tot dat punt terugkeeren. Aan de staaf CE is een verdeelde
halve cirkel aangebracht, waarop men den hoek kan aflezen, dien
de krachten P en Q met elkander maken.
Zoekt men de resultante van meer dan twee krachten,
die in een zelfde punt werken, dan bepaalt men eerst de resultante
van twee dier krachten, daarna de resultante van deze met de
derde kracht, en zoo voort, tot men achtereenvolgens alle gegeven
krachten heeft opgenomen.
28. Ontbinding eener kracht in twee andere, welker
richting gegeven is. — De eigenschap van het parallelogram van
krachten stelt ons ook in staat om eene kracht te ontbinden in
twee andere, in hetzelfde punt volgens bepaalde richtingen wer-
kende. Men behoeft slechts een parallelogram te construeeren,
waarvan de gegeven kracht de diagonaal is, terwijl de richtingen
der zijden door de aangewezen richtingen der ontbondene krachten
bepaald zijn. Laat, om dit op een voorbeeld toe te passen, AB
(Fig. 8) eene helling voorstellen, waarop zich een lichaam P be-
vindt, welks gewicht wij voorstellen door de verticale lijn PM.
Verlangt men nu te weten, hoe groot de kracht is, welke het
lichaam langs de helling zal doen afglijden, en welke drukking