Boekgegevens
Titel: Leerboek der natuurkunde
Auteur: Steyn Parvé, D.J.
Uitgave: Tiel: H.C.A. Campagne, 1879-...
4e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-1217
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202005
Onderwerp: Natuurkunde: natuurkunde: algemeen
Trefwoord: Natuurkunde, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Leerboek der natuurkunde
Vorige scan Volgende scanScanned page
303.
Is het verschil der wegen, door het rechtstreeksche en door het
teruggekaatste geluid afgelegd, zeer gering, dan moet men de echo
reeds vernemen, eer de indruk van het geluid zelf voorbij is. Dit
heeft versterking van het oorspronkelijke geluid tengevolge, doch
ook tevens vermindering van duidelijkheid. Dit verschijnsel is be-
kend onder den naam van nagalm. Het wordt dikwijls in kerken
en andere groote gebouwen waargenomen en maakt het moeilijk
den spreker te verstaan. In kleinere vertrekken heeft dit niet
plaats; daar dan het oorspronkelijke en het teruggekaatste geluid als
'tware te gelijk en daardoor versterkt vernomen worden, kan men
er iemand beter verstaan dan in de vrije lucht. Evenals op de
echo, oefent ook op den nagalm de aard der wanden een grooten
invloed uit. In groote vertrekken, waar hij bijzonder hinderlijk
is, tracht men hem te verminderen door gordijnen en dergelijke
voorwerpen tegen de muren te hangen.
Heeft de oppervlakte, welke het geluid terugkaatst, zoodanigen
vorm, dat vele geluidgolven zich in één punt vereenigen, dan
zal in dat punt eene versterking plaats hebben. Wanneer men
twee parabolische spiegels in den in fig. 167 aangewezen stand
opstelt en in het brandpunt A van den eenen een geluidge-
vend voorwerp, bijv. een uurwerk, plaatst, dan zullen de geluid-
golven van A uitgaande tegen de oppervlakte van den spiegel P
Fig. 167. teruggekaatst wor-
den, en wel, ten
gevolge van eene
eigenschap, die aan
zoodanigen vorm
van spiegels eigen
is, volgens evenwijdige richtingen. Worden zij nu door den spiegel
Q opgevangen, dan verzamelen zij zich weder in diens brandpunt
B, waar dan eene versterking van het geluid moet plaats hebben.
Om zich hiervan te overtuigen, behoeft men slechts het oor in B
te plaatsen; men verneemt daar duidelijk het tikken van het uur^
werk, zelfs al zijn de spiegels verscheidene meters van elkander
verwijderd, terwijl men het in de tusschen A en B gelegene
punten niet of althans minder sterk hoort. Iets dergelijks heeft
plaats bij elliptische gewelven, zooals in fig. 168 is voorgesteld.
In het eene brandpunt A hoort men door de terugkaatsing tegen