Boekgegevens
Titel: Leerboek der natuurkunde
Auteur: Steyn Parvé, D.J.
Uitgave: Tiel: H.C.A. Campagne, 1879-...
4e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-1217
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202005
Onderwerp: Natuurkunde: natuurkunde: algemeen
Trefwoord: Natuurkunde, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Leerboek der natuurkunde
Vorige scan Volgende scanScanned page
299.
verliep tusschen het zien van het licht en het hooren van het geluid.
Het wederkeerig op beide plaatsen waarnemen diende om den
invloed van den wind te leeren kennen, van welken men had op-
gemerkt dat hij, in de richting van het geluid waaijende, de snelheid
eenigszins doet toenemen. Uit hunne proeven leidden de waarne-
mers na de noodige herleidingen af, dat het geluid in ééne seconde
een weg van ruim 337 meter aflegt. Daar echter bij deze proeven
geen rekenschap was gehouden van de temperatuur en den toestand
der lucht, werden zij in 1822 door Arago, von Humboldt en
anderen herhaald. Deze vonden, dat bij eene temperatuur van
O^C de snelheid 331,05 bedraagt. Het volgende jaar werden der-
gelijke proeven door Moll en van Beek bij Utrecht genomen op
twee punten, op een afstand van 17669 meter van elkander gelegen.
Uit hunne talrijke en met zorg genomen proeven vonden zij eene
snelheid van 332,05 meter; Schroeder van der Kolk heeft later de
berekening herhaald en 332,77 meter gevonden. Proeven, in 1825
door Parry in Noord-Amerika verricht bij eene zeer lage tempe-
ratuur, gaven, tot O'C herleid, 333 meter.
Men ziet, dat deze cijfers vrij nauwkeurig overeenkomen met
dat, hetwelk boven voor de voortplantingssnelheid eener trillende
beweging in de lucht is afgeleid uit de formule van La Place,
d
en derhalve als eene bevestiging van de daar ontwikkelde theorie
kunnen worden beschouwd. Proefnemingen, in 1862 en 1863 door
Regnault gedaan met behulp van de waterleidingsbuizen, welke in
die jaren te Parijs gelegd werden, hebben echter tot een kleiner
cijfer geleid, namelijk 330,30 meter. Deze proeven onderscheiden
zich van de vroeger genomene vooral daardoor, dat de j uiste oogenblik-
ken van het waarnemen van het geluid en het licht niet afhankelijk
werden gesteld van persoonlijke indrukken, maar op dezelfde manier
werden aangewezen als bij de telegrafen geschiedt; hij vond ook,
dat de voortplantingssnelheid met de intensiteit van het geluid afneemt.
Zijn, wat niet onwaarschijnlijk is, de proeven van Hegnault het
meest te vertrouwen, dan is de afwijking van zijne uitkomst van
het boven uit de formuleafgeleide cijfer 332,32 wellicht daardoor te ver-
klaren, dat de langs anderen weg gevondene waarde van de betrekking