Boekgegevens
Titel: Leerboek der natuurkunde
Auteur: Steyn Parvé, D.J.
Uitgave: Tiel: H.C.A. Campagne, 1879-...
4e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-1217
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202005
Onderwerp: Natuurkunde: natuurkunde: algemeen
Trefwoord: Natuurkunde, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Leerboek der natuurkunde
Vorige scan Volgende scanScanned page
298.
voortgebrachte, maar veel zwakkere harmonische tonen kan
erkennen.
154. Voortplantingssnelheid van het geluid. — Daar wij
het geluid als trilling der lucht of van andere lichamen hebben
leeren kennen, zoo moeten op zijne voortplanting al die eigenschappen
en wetten van toepassing zijn, die wij boven (124) als aan de
voortplanting eener trillende beweging eigen hebben leeren kennen.
Wij moeten nu nagaan, in hoeverre de juistheid van die theoretische
beschouwingen door proefnemingen is bevestigd.
Dat de snelheid van het geluid in dezelfde middenstof en onder
dezelfde omstandigheden voor alle geluiden, hooge en lage, sterke
en zwakke, welluidende en onwelluidende, dezelfde is, blijkt uit de
eenvoudige waarneming, dat, wanneer op eenigen afstand geluiden
worden voortgebracht, deze juist in dezelfde volgorde tot ons
komen, waarin zij zijn voortgebracht. Wordt de afstand grooter,
dan verneemt men het geluid wel later, maar zonder verandering
in de opvolging. Tonen, door verschillende instrumenten tegelijk
voortgebracht, en dus in hoogte en klank verschillende, worden
ook op een afstand gelijktijdig vernomen.
Dat de snelheid van het geluid veel geringer is dan die van
het licht, blijkt duidelijk daaruit, dat, wanneer op een niet al te
geringen afstand een vuurwapen wordt afgeschoten, men het licht
ziet, voordat men den slag verneemt. Wij zullen later zien, dat
tot de voortplanting van het licht ook tijd vereischt wordt, maar
dat zijne snelheid zoo aanzienlijk is, dat men den tijd, dien
het noodig heeft om van een aardsch voorwerp tot ons oog te
komen, zonder onnauwkeurigheid buiten rekening kan laten in
vergelijking met dien, welken het geluid behoeft om denzelfden
afstand af te leggen. De proeven tot bepaling der voortplantings-
snelheid van het geluid rusten op deze onderstelling.
Reeds in de 17de eeuw hebben er onderzoekingen aangaande de
snelheid van het geluid plaats gehad, maar deze misten een vol-
doenden graad van nauwkeurigheid. De eerste, die vertrouwen
verdienen, geschiedden in 1738 bij Parijs door eenige leden der
Fransche Akademie van Wetenschappen. Twee waarnemers, geplaatst
op twee punten, welker afstand meer dan 28000 meter bedroeg,
schoten beurtelings kanonnen af en namen den tijd waar, die