Boekgegevens
Titel: Leerboek der natuurkunde
Auteur: Steyn Parvé, D.J.
Uitgave: Tiel: H.C.A. Campagne, 1879-...
4e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-1217
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202005
Onderwerp: Natuurkunde: natuurkunde: algemeen
Trefwoord: Natuurkunde, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Leerboek der natuurkunde
Vorige scan Volgende scanScanned page
14
stroom, die bij de telegraaf zijne toepassing vindt. Hare verscheiden-
heid maakt onderlinge vergelijking moeilijk; maar juist in de gemeen-
schappelijke eigenschap, dat alle beweging veroorzaken of kunnen
veroorzaken, zullen wij een middel tot vergelijking leeren kennen.
Wordt door eene kracht geen beweging voortgebracht, dan zal
toch eene drukking of eene spanning het gevolg van hare werking
moeten zijn; dit is bijv. het geval bij elk zwaar voorwerp, dat
drukt op het lichaam, dat zich er onder bevindt, of, zoo het is
opgehangen, de koord spant, die het vasthoudt.
Om krachten met elkander te kunnen vergelijken heeft men eene
eenheid noodig. Uien neemt daarvoor die kracht, waarmede een
kubieke decimeter zuiver water door de aantrekking der aarde naar
beneden wordt getrokken, of zooals men het gewoonlijk noemt, het
gewicht van een kilogram.
15. Krachtmeters of dynamometers. — Werktuigen, welke
dienen om de grootte eener kracht te meten, noemt men dyna-
mometers of krachtmeters. Zij rusten in den regel op het
beginsel, dat men de kracht, welke men verlangt te meten, ver-
gelijkt met een bekende kracht, in dit geval de zwaartekracht of
aantrekking der aarde, welke, zooals wij reeds hebben opgemerkt,
ook tot bepaling van de eenheid van kracht is aangenomen. Bij
die werktuigen wordt doorgaans gebruik gemaakt van de veer-
kracht; fig. 2 en 3 stellen dynamometers voor in hunne eenvou-
digste gedaante.
In fig. 2 is A een stalen veer, aan welker beide beenen in B en
C cirkelbogen bevestigd zijn, waarvan elke
gaat door eene opening in het andere been.
Maakt men dezen toestel in D vast, en
hangt men in E een gewicht op, dan wordt
de veer BAG door dat gewicht zamenge-
drukt, de boog BG gaat door de opening
bij G, de boog CH door de opening H
in het been AB, totdat dit bij eene der
verdeelingen van CH blijft staan. Daar
grootere gewichten grootere zamendrukking
der veer zullen ten gevolge hebben, zal
men bij de verschillende verdeelingen op
riff. 2.