Boekgegevens
Titel: Leerboek der natuurkunde
Auteur: Steyn Parvé, D.J.
Uitgave: Tiel: H.C.A. Campagne, 1879-...
4e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-1217
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202005
Onderwerp: Natuurkunde: natuurkunde: algemeen
Trefwoord: Natuurkunde, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Leerboek der natuurkunde
Vorige scan Volgende scanScanned page
264.
Van dit cijfer uitgaande zou de zoogenoemde e e n sge str ee p te
C 250 trillingen hebben en de daaropvolgende eensgestreepte
A volgens de boven beschreven toonladder x 256 = 420,7
O
trillingen, volgens de gelijkzwevende temperatuur 430,5 trillingen
in de seconde. Het is deze toon, waarvan men doorgaans gebruik
maakt bij het stemmen van muziek-instrumenten; hij wordt echter
in den regel hooger genomen. In Frankrijk is in 1859 de officieele
A (la normal) op 435 trillingen vastgesteld; in Duitschland werd
vroeger vrij algemeen een A van 440 trillingen aangenomen, maar
in latere jaren heeft men ook daar meer de A van 435 trillingen
als uitgangspunt genomen. Dientengevolge wordt bij de gelijkzwe-
vende temperatuur het getal trillingen voor de eensgestreepte
c' 258,05, voor de zoogenaamde kleine c 129,32, voor de groote
C 04,66, voor de contra C 32,33 in de seconde. Voor de hoogere
tonen heeft men dan de dubbel-gestreepte c" met 517,3, de
driemaal-gestreepte c'"met 1034,6, de viermaal-gestreepte
c'"/ met 2069,2 en de vijfmaal-gestreepte c'"" met 4138,4 tril-
lingen. Het getal der trillingen voor de tusschenliggende tonen
kan hieruit gemakkelijk worden afgeleid.
Het zijn deze tonen, welke in de muziek gebruikt worden. Op
de thans het meest in gebruik zijnde zeven-octaafs pianino's is de
laagste toon de A, die beneden de C van 32,33 trillingen gelegen
is en derhalve met 27,19 trillingen in de seconde overeenkomt; de
hoogste toon op die instrumenten is de vi ermaal-gestreepte a'"',
die met 3480 trillingen in de seconde overeenkomt.
Wat de lage tonen betreft, lagere dan de hier vermelde kunnen
niet meer duidelijk van elkander onderscheiden worden. Volgens
de laatste onderzoekingen van Helmholtz begint het menschelijk
gehoororgaan eerst bij tonen van ongeveer 37 trillingen in de
seconde de hoogte van den toon volkomen juist te onderscheiden;
tonen van 32 trillingen zouden, volgens hem, als de uiterste grens zijn
aan te merken. Daaruit zou dan volgen, dat de laagste tonen op
de pianino eigenlijk geen zuiver te onderscheiden tonen zijn; eene
bewering, die zeker door hen, die ooit van zoodanig instrument
gebruik hebben gemaakt, gaarne zal worden toegegeven.
De bovenste grens van hoorbare tonen ligt nog aanmerkelijk
boven de in de muziek gebruikelijke. Savart bracht met zijn getand