Boekgegevens
Titel: Leerboek der natuurkunde
Auteur: Steyn Parvé, D.J.
Uitgave: Tiel: H.C.A. Campagne, 1879-...
4e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-1217
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202005
Onderwerp: Natuurkunde: natuurkunde: algemeen
Trefwoord: Natuurkunde, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Leerboek der natuurkunde
Vorige scan Volgende scanScanned page
240.
nomen, dat de voortplanting der trillende beweging plaats heeft
in dezelfde middenstof. Wij moeten ten slotte nog nagaan, wat er
plaats heeft, indien de middenstof niet overal dezelfde is, of, wat
op hetzelfde neerkomt, indien de trillingen van de eene middenstof
moeten overgaan in eene andere daaraan grenzende.
Men zal terstond inzien, dat hier twee gevallen moeten worden
aangenomen; in de eerste plaats toch bestaat de mogelijkheid, dat
de aangrenzende middenstof niet geschikt is om die trillingen, zij
het dan ook gewijzigd, op te nemen; in de tweede plaats, dat zij
daartoe wel de geschiktheid bezit. In het eerste geval zullen zij
geheel worden teruggekaatst, in het tweede zal de aard der tril-
lingen veranderen, tengevolge van den overgang op moleculen van
anderen aard; maar ook een derde geval is mogelijk, namelijk dat
een gedeelte der trillingen wordt teruggekaatst, een gedeelte ge-
wijzigd in de andere middenstof overgaat.
Wij kunnen ons hiervan eene voorstelling maken door de volgende
beschouwing. Komt een veerkrachtige, bijv. een ivoren bal, tegen
een volmaakt veerkrachtigen en onwrikbaren wand aan, dan wordt
de bal teruggeworpen en wel met dezelfde snelheid, waarmede
hij aankwam. Komt hij tegen een bal van grootere massa, dan
zal deze in beweging geraken, maar met geringere snelheid dan
die van den eersten bal, die eveneens met geringere snelheid dan
zijne oorspronkelijke terugkeert. Is daarentegen de massa van den
tweeden bal geringer, dan blijft de eerste, hoewel met kleinere
snelheid, zich in dezelfde richting voortbewegen. Alleen dan,
wanneer beide ballen juist gelijke massa hebben, gaat de beweging
van den eersten geheel op den laatsten over; dit laatste geval kan
men dus gelijkstellen met de voortplanting der trillende beweging
in eene homogeene middenstof.
Beschouwen wij nu de verschillende gevallen, die zich bij den
overgang van de trillingen van de eene middenstof tot de andere
kunnen voordoen, en wel in de eerste plaats dat, waarin de tweede
eene grootere dichtheid bezit dan de eerste. Bij longitudinale tril-
lingen worden dan de moleculen, die zich naar de grensvlakte
bewegen, teruggestooten, en die, welke zich daarvan verwijderen,
als 't ware' teruggetrokken; in beide gevallen verandert dus de
beweging in eene tegenovergestelde. Bij transversale trillingen
worden de moleculen, die zich in de eene of andere richting van