Boekgegevens
Titel: Leerboek der natuurkunde
Auteur: Steyn Parvé, D.J.
Uitgave: Tiel: H.C.A. Campagne, 1879-...
4e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-1217
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202005
Onderwerp: Natuurkunde: natuurkunde: algemeen
Trefwoord: Natuurkunde, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Leerboek der natuurkunde
Vorige scan Volgende scanScanned page
199.
der moleculen binnen ABSR opgeheven door die binnen A'B'SR ;
die binnen ABP veroorzaken dus alleen eene aantrekking in
de richting MP. Is de oppervlakte hol, zooals CD, dan wordt
de werking van het gedeelte CDSR vernietigd door die van
C'D'SR, en er blijft dus alleen een werkzaam gedeelte C'DP
over, dat kleiner is dan A'B'P. Is de oppervlakte bol,
zooals EF, dan zullen alleen de moleculen in het gedeelte E'FT,
dat grooter is dan A'B'P, werking uitoefenen. Men komt
dus tot het besluit, dat de moleculaire spanning of drukking
in eene vloeistof met bolle oppervlakte grooter zal zijn, naarmate
de kromming sterker is; dat zij voor eene platte oppervlakte ge-
ringer is dan voor eene bolle, doch aanzienlijker dan bij eene holle
oppervlakte, en dat zij bij deze laatste afneemt, als de kromming
sterker wordt.
Stellen wij ons nu eene hoeveelheid vloeistof voor, aan de wei*-
king der zwaartekracht onttrokken en buiten den invloed van de
moleculaire werking van een vast lichaam, zooals bij de proef van
Plateau het geval is. Daar de spanning verandert met de krom-
ming der oppervlakte, waardoor de vloeibare massa begrensd wordt,
zal er geen evenwicht kunnen zijn, zoo niet die spanning en
derhalve ook de kromming overal even groot is; deze eigenschap
vindt men alleen bij den bol.
Wordt de toestel zoodanig ingericht, dat zich daarin eene ver-
ticale spil bevindt, waaraan men eene draaijende beweging kan
geven, en wordt dan de olie voorzichtig daaromheen gebracht, het-
geen door de adhaesie van de olie aan dat vaste lichaam zeer ge-
makkelijk geschiedt, dan kan men aan den bol van olie eene rond-
draaijende beweging geven; men ziet hem dan den afgeplatten vorm
eener spheroïde aannemen. De kromming is dan niet meer aan alle
punten dezelfde, en de moleculaire drukking zal dus grooter zijn
in die punten, welke verder van de omwentelingsas verwijderd zijn;
maar door de middenpuntvliedingskracht wordt eene drukking van
het middenpunt uit, dus in tegenovergestelde richting, verwekt, die
des te grooter is, naar mate de moleculen verder van het midden-
punt verwijderd zijn. Er zal dus ook in dit geval een evenwichts-
toestand kunnen zijn, die echter slechts kan bestaan, zoolang de
beweging duurt. Neemt de omwentelingssnelheid toe, dan kan het
gebeuren, dat de middenpuntvliedingskracht aanzienlijker is dan de