Boekgegevens
Titel: Leerboek der natuurkunde
Auteur: Steyn Parvé, D.J.
Uitgave: Tiel: H.C.A. Campagne, 1879-...
4e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-1217
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202005
Onderwerp: Natuurkunde: natuurkunde: algemeen
Trefwoord: Natuurkunde, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Leerboek der natuurkunde
Vorige scan Volgende scanScanned page
198.
stof, M, M' en M" moleculen aan of bij de oppervlakte gelegen, en
MC — M'D = M"E de straal der aantrekkings-sfeer, dat is de afstand,
binnen welken de aantrekking nog werkt; de bollen, met die stralen
en met M, M' en M" als middenpunten beschreven, duiden dan de ruim-
ten aan, binnen welke die moleculen op de nabij gelegene werken
en omgekeerd daardoor worden aangetrokken. Beschouwen wij nu
eerst een molecule, dat zich aan de oppervlakte bevindt, zooals M,
dan zien wij dat, aangezien zich alleen moleculen bevinden binnen
de ruimte FCG, de aantrekkingen op M alle naar één kant werken en
dus kunnen worden voorgesteld door eene enkele resultante volgens
de richting MC; de moleculen, die zich aan de oppervlakte bevinden,
worden dus alle naar binnen getrokken. Beschouwt men een
molecule M', dan zal de werking van de moleculen in de ruimte
OPRQ worden vernietigd door die der moleculen in de ruimte
O'P'RQ; die, welke zich binnen de ruimte O'P'D bevinden,
oefenen dus alleen nog eene aantrekking op het molecule M' uit;
daar zich in deze ruimte minder moleculen bevinden dan in FCG,
zal dus die kracht niet zoo groot zijn als bij een molecule, dat aan
de oppervlakte gelegen is. Het is voorts duidelijk, dat zij zal
verminderen, naarmate het molecule verder van de oppervlakte
verwijderd is. Ligt het in M", zoodat de aantrekkings-sfeer geheel
binnen de vloeistof valt, dan zullen alle moleculaire krachten, die
op M" werken, met elkander evenwicht maken.
Hieruit volgt, dat de moleculen, die zich bevinden in de buitenste
laag ABA'B', welker dikte gelijk is aan den afstand, op welken
de moleculaire aantrekking zich nog doet gevoelen, alle onder-
worpen zijn aan eene kracht, die hen van buiten naar binnen tracht
te drukken; deze zal derhalve aan de oppervlakte eene spanning
Fig. 121. veroorzaken, die zich ook op de
binnen in gelegen gedeelten doet
gevoelen.
Gaan wij na, welken invloed de
vorm der oppervlakte op deze span-
ning moet uitoefenen. Zij weder M
(Fig. 121) een molecule en MP de
straal der sfeer van aantrekking;
is de" oppervlakte der vloeistof vlak,
zooals AB, dan wordt de werking