Boekgegevens
Titel: Leerboek der natuurkunde
Auteur: Steyn Parvé, D.J.
Uitgave: Tiel: H.C.A. Campagne, 1879-...
4e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-1217
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202005
Onderwerp: Natuurkunde: natuurkunde: algemeen
Trefwoord: Natuurkunde, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Leerboek der natuurkunde
Vorige scan Volgende scanScanned page
189.
uit gesmolten massa's, öf uit oplossingen in water; door dezelfde
middelen kan men ook kristallen van verschillende stoffen door kunst
doen ontstaan. Zwavel bijv., zooals die in den handel voorkomt,
is amorph; smelt men die in eene schaal of kroes, laat men haar dan
langzaam bekoelen tot de bovenste oppervlakte hard wordt, en maakt
men dan in die korst eene opening, waardoor men de nog vloeibare
zwavel laat uitloopen, dan zal men, als men de overgebleven harde
massa openbreekt, aan den binnenkant fraaije kristallen zien. Van
sommige metalen, zoo als bismuth, kan men op dezelfde wijze kristal-
len verkrijgen. Duidelijk is ook de vorming van kristallen, wanneer
water plotseling van den vloeibaren tot den vasten toestand over-
gaat en ijs wordt, al is het niet zoo gemakkelijk daarbij altijd die
regelmatige vormen te ontdekken.
De fraaiste en duidelijkste kristallen worden verkregen, wanneer
vaste lichamen in eene vloeistof opgelost zijn. Hoewel van het woord
oplossen in het dagelijksche leven een veelvuldig gebruik wordt
gemaakt, zullen eenige ophelderingen toch niet overtollig wezen.
Wanneer een vast lichaam en eene vloeistof met elkander in aan-
raking worden gebracht, kan de vermenging zoo innig zijn, dat
men van de vaste stof niets meer bemerkt, dan dat zij, zoo zij
gekleurd was, aan de vloeistof hare kleur heeft medegedeeld. Legt
men bijv. broodsuilter of keukenzout in water cn roert men het om,
dan zal weldra het vaste lichaam schijnbaar geheel verdwenen zijn,
en er is niets dan eene heldere vloeistof te bemerken; neemt men
blauw kopervitriool, dan heeft hetzelfde plaats, doch de vloeistof
heeft eene blauwe kleur. In beide gevallen is het vaste lichaam
in de vloeistof opgelost. Koch de vaste stof, noch de vloeistof
hebben hierbij eene verandering in zamenstelling ondergaan; men
mag het er voor houden, dat de moleculen van het vaste lichaam
öp eene bepaalde regelmatige wijze tusschen die der vloeistof ver-
deeld zijn.
Niet alle lichamen zijn even oplosbaar; de oplosbaarheid neemt
bij de meeste toe met de warmte van de vloeistof; keukenzout
maakt echter hierop eene uitzondering. Is zooveel mogelijk van
de vaste stof opgelost, dan noemt men de oplossing verzadigd.
Wordt eene verzadigde oplossing verwarmd of eenvoudig aan zich
zelf overgelaten, dan zal de vloeistof verdampen en er ontstaan
daarin kristallen, die doorgaans des te duidelijker vorm zullen