Boekgegevens
Titel: Leerboek der natuurkunde
Auteur: Steyn Parvé, D.J.
Uitgave: Tiel: H.C.A. Campagne, 1879-...
4e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-1217
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202005
Onderwerp: Natuurkunde: natuurkunde: algemeen
Trefwoord: Natuurkunde, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Leerboek der natuurkunde
Vorige scan Volgende scanScanned page
179.
öte open vat B verbinden. De buis h, die midden in het eenigszins
gewelfde gedeelte van het deksel bevestigd is, steekt niet binnen
in het vat uit, terwijl daarentegen de buis a bijna tot op den bodem
van het vat A reikt; cc zijn slechts stijltjes, waarop het bovenste
vat rust; g is eene waterpeilbuis.
De cilinder A wordt, als men hem met gas vullen wil, eerst ge-
heel met water gevuld; te dien einde sluit men de opening bij d
en zet de drie kranen & en c open. Schenkt men nu boven
in B water, dan loopt dit door a en ft in den cilinder A, terwijl
de lucht door e ontwijkt. Is de cilinder nagenoeg vol water, het-
welk men aan de buis g bemerken kan, dan sluit men e; giet men
dan nog water bij, dan zal dit door a in den cilinder stroomen,
terwijl de laatste luchtdeelen door h ontwijken. Nu worden ook a
en h gesloten, en in de opening d, van welke men de kurk heeft
weggenomen, de buis gestoken, waardoor het gas wordt aangevoerd.
Dit gas begeeft zich terstond boven in den cilinder A en dringt
het water beneden bij d uit. De stand van het water in de buis
g wijst steeds aan, hoe hoog het in het vat staat. Is dit nagenoeg
vol gas, dan wordt d weder gesloten. Wil men nu het gas uit den
gashouder naar een ander vat leiden, dan bevestigt men aan c eene
gasleidingsbuis van gevulcaniseerde caoutchouc, en opent e en «,
na vooraf gezorgd te hebben, dat zich in den bak B eene aanzien-
Fig. 102.
lijke hoeveelheid
water bevindt. Dit
water komt door a
tot onder in den
cilinder en dringt
het gas bij e uit.
De groote gashou-
ders , welke het gas
bevatten, dat voor
de verlichting ge-
bruikt wordt, zijn
eenigszins anders
ingericht. Door-
gaans bestaan zij,
zoo als in fig. 102
is voorgesteld, uit